donderdag 26 februari 2026

Het rampzalige bezoek aan de dierentuin - Joël Dicker

In het kleine stadje waar ik ben opgegroeid zijn de geesten getekend door iets wat zich jaren geleden, op een vrijdag in december, een paar dagen voor kerst, in de plaatselijke dierentuin heeft afgespeeld. Al die jaren heeft niemand geweten wat er toen echt is gebeurd. Tot aan dit boek.
Een schoolbezoek aan een dierentuin loopt uit op een ramp, maar wat is er nu echt gebeurd? Waarom worden alle gebeurtenissen met absolute geheimhouding omgeven? De ouders van Joséphine, het meisje dat veel lijkt te weten, geven niet op voordat ze de waarheid hebben ontdekt. Gaandeweg beseffen ze dat een ramp nooit alleen komt, dat schijn bedriegt en dat elk verhaal een onvoorspelbare wending kan nemen. Enkele jaren later besluit Joséphine, inmiddels volwassen, alles in een boek te onthullen.

*****

Joël Dicker (Genève, 1985) heeft met dit boek een volledig ander boek geschreven dan we van hem gewoon zijn, in een nawoord schrijft hij dit hierover:
Met het schrijven van Het rampzalige bezoek aan de dierentuin, dat u zojuist heeft gelezen, heb ik in alle bescheidenheid en nederigheid geprobeerd een boek te schrijven dat alle lezers, wie dan ook, waar dan ook, of ze nu zeven of honderdtwintig jaar oud zijn, met elkaar kunnen delen. Met kinderen, partners, ouders, buren, collega's.
Een boek dat hopelijk zin geeft in lezen en laten lezen, zonder onderscheid te maken. Dat ons in staat stelt elkaar te ontmoeten. En dan echt. (Joël Dicker)
En waarachtig, het is inderdaad een boek geworden dat voor iedereen kan, jong en oud. Het is heel eenvoudig van opzet met korte hoofdstukken die elk staan voor een trap in het verhaal. En zo bouwt het boek richting het rampzalige bezoek aan de dierentuin en het was écht rampzalig, dat kan je wel stellen. Doordat het door de ogen van een kind verteld wordt, heeft het boek ook iets aandoenlijks, maar het was evengoed spannend.
En toch is dit boek ook méér dan een verhaal, er zijn heel wat thema's in verwerkt waardoor je ook als volwassene voor wat nadenkwerk kan staan, indien je zou willen natuurlijk want het is nu niet dat dit per se moet. Het is echter wel interessant, er wordt nagedacht over democratie en de relatie tussen ouders, leerkrachten en kinderen. Ook inclusie is een thema en dit omdat de kinderen die hier de hoofdrolspelen naar een 'bijzondere' school gaan, een school waarop de kinderen zitten die niet op andere scholen terechtkunnen.
De manier waarop de auteur het verhaal geschreven heeft, is heel erg humoristisch, je kan zowaar bijna schaterlachen bij het lezen ervan. Geweldig dit, het zorgde meteen voor de volle mep van vijf sterren.
Het rampzalige bezoek aan de dierentuin is een geweldig goed boek en aangezien het een redelijk dun is, hoeft dit je ook al niet tegen te houden om het te lezen. Maar het is vooral de humor en de plotopbouw die het hem doen alsook de inhoudelijke thema's. Het is een luchtig verhaal maar ook eentje waarbij je de thema's kan overdenken als je wil. Een zalig boek!

Uitgeverij: De Bezige Bij (2025) - 221 blz.
Oorspronkelijke titel: La Très Catastrophique Visite du Zoo
Vertaling: Manik Sarkar

maandag 23 februari 2026

Vergelding - Michael Berg

Een heftige gebeurtenis op een meisjesinternaat heeft vijftig jaar later fatale gevolgen.
Sinds zijn terugkeer naar Zuid-Limburg kent Alex geen moment rust. Een inbraak op het kasteel van zijn vader, diefstal van kostbare iconen, en zijn vader dood in een fauteuil. Alles wijst op een hartaanval. Het overlijden van zijn vader raakt hem niet echt, daarvoor was hun verhouding te slecht, maar Alex wil wel weten wat er gebeurd is. Een collega leidt het politieonderzoek, tot Alex' groeiende ergernis. Het lijkt erop dat zijn zusje, Emmie, ooggetuige van de inbraak is geweest. Waarom krijgt ze dan geen beveiliging? En hoeveel risico loop hij zelf zolang de inbrekers niet gepakt zijn?
Het duurt even voor Alex weer genoeg focus heeft om zich op een nieuwe cold case te storten. Een moord uit 1974 op de moeder-overste van een katholiek meisjesinternaat, waarvan de veroordeelde altijd heeft ontkend. Daarvoor lijkt bewijs te zijn gevonden, wat betekent dat de dader nog steeds vrij rondloopt. Bijna vijftig jaar later besluit de moordenaar van de non dat de vergelding pas compleet is als er nóg iemand de dood in wordt gejaagd.

****

Michael Berg (Heerlen, 1956) heeft met Vergelding een tweede boek uitgebracht in De Mergellandmoorden en eind dit jaar is het derde en laatste deel in deze trilogie te verwachten. Het boek gaat dadelijk van start waar het vorige geëindigd is en aan het einde weet je dat het derde er ook onmiddellijk zal bij aansluiten. De auteur woonde meer dan tien jaar in Frankrijk maar is teruggekeerd naar zijn geboortestreek in Zuid-Limburg waar deze trilogie zich afspeelt. Hij kent de streek dus goed en dat merk je. Sinds hij in 2008 debuteerde met een eerste thriller verschenen er nog velen van zijn hand en niet zonder succes, hij heeft enkele prijzen op zijn naam staan.
Er zijn net als in het vorige deel twee verhaallijnen, eentje 'Eerder' en de andere in de huidige tijd. Zoals je kan lezen op de achterflap speelt de eerdere verhaallijn een vijftig jaar eerder en is het decor een meisjesinternaat en dan een wel heel erg strenge versie met aan het hoofd een moeder-overste oftewel 'kreng'. Ik moet zeggen dat dit geen algemeen beleid was op meisjesinternaten, ikzelf zat er op eentje rond die periode en dat was een heel erg fijne en plezante tijd.
De tweede lijn gaat voornamelijk over de diefstal in het kasteel van Alex' vader en zijn overlijden waarbij Emmie getuige lijkt te zijn en Alex de diefstal en de dood van hun vader ontdekt. Hij moet daarop de erfeniskwestie regelen alsook de begrafenis, de diefstal wordt opgevolgd door een collega die hem niet zo genegen is en het moest Alex Nievelsteijn niet zijn als hij zich daar niet wat mee zou bemoeien.
Dit zijn dus de twee verhaallijnen waarop heel het boek draait, het cold case-team is uiteraard ook van de partij maar deze komen pas veel later mee in het verhaal. We komen ze wel tegen maar ze mogen hun eigen ding een beetje doen en wat dossiers afsluiten. Het verhaal van eerder wordt pas laat in het verhaal dé cold case waar ze als team zullen aan werken en de keuze hiervoor valt wel ergens te begrijpen maar als een cold case-serie is dit toch een opmerkelijke keuze. Daardoor leest het boek tot heel erg ver meer als een roman dan als een thriller en dat was buiten de verwachting.
Spannend werd het boek dus lang niet alhoewel het wel heel interessant was en vlot las, de zoektocht naar de dieven was het enige wat lang als het enige onderzoek verteld werd en dan nog, de uiteindelijke ontknoping daar werd zelfs niet echt naartoe gewerkt in het boek, het leek een zijlijntje. Zo waren er tussendoor nog wat zijlijntjes waarbij Alex in de rapte wat dossiers oploste. Maar tegen dat de vroegere verhaallijn het heden naderde, werd het verhaal langzamerhand toch spannend. Aan het einde sluit het verhaal ook met een cliffhanger waardoor je zou wensen dat het derde deel in de trilogie er nú al is, maar dit is toch nog wachten tot het najaar zo blijkt.
Vergelding is een heel erg goed vervolg in De Mergellandmoorden ook al is het van een ander kaliber dan de eerste. Laat ons hopen dat in het derde deel er toch een grotere plaats is weggelegd voor het cold case-team met échte pisten om te onderzoeken, naar misdaden dus. In dit deel heeft het toch wel heel lang geduurd vooraleer er daar sprake van was. Niettemin was het een heel erg goed boek en dan nog eentje waar je binnen de kortste keren doorvliegt en het leesplezier verzekerd is.

Uitgeverij: Ambo|Anthos (2026) - 538 blz.

zondag 22 februari 2026

Magritte: een leven - Alex Danchev met Sarah Whitfield

Het veelzijdige leven van de kunstenaar Magritte
De kledingkeuze van de surrealistische kunstenaar René Magritte (1898-1967) was even elegant als zijn schilderstijl: hij schilderde steevast in pak, inclusief das en bolhoed. In zijn werken, waaronder het iconische La trahison des images ('Ceci n'est pas une pipe') en Golconde, creëerde hij een droomwereld vol mysterie, erotiek en humor. En net als zijn werk bleef de persoon Magritte mysterieus.
In deze biografie volgt auteur Alex Danchev het veelbewogen leven van de Belgische kunstenaar; van de traumatische zelfmoord van zijn moeder tot de verkoop van vervalste kunstwerken tijdens de Duitse bezetting en van zijn turbulente relatie met de Franse surrealisten tot zijn internationale doorbraak in de kunstwereld. Het resultaat is een fascinerend portret van een wereldwijd geliefd kunstenaar wiens invloed nog altijd groot is.

Alex Danchev (Bolton, Lancashire, 1955-2016) was een Britse historicus, biograaf, legerofficier en was onder andere hoogleraar International Relations aan de University of St Andrews. Hij was ook auteur en schreef naast deze biografie nog de bekroonde biografieën van Paul Cézanne en Georges Braque. Danchev overleed onverwachts voor hij de biografie van Magritte kon afmaken en kunsthistoricus en schrijver Sarah Whitfield voltooide dan het boek met het tiende en laatste hoofdstuk. Whitfield was coredacteur van de catalogue raisonné van het oeuvre van Magritte en kwam dus zeker beslagen ten ijs.
Het boek is chronologisch opgebouwd te beginnende bij zijn jeugd en eindigend bij zijn dood, klinkt logisch. En toch wordt er gedurende heel het boek voortdurend vooruit gedacht ook al gaat het over een bepaalde periode. Er passeren daardoor heel veel namen doorheen alle hoofdstukken en is het soms moeilijk om ze op de juiste plaats op de tijdslijn van Magritte's leven te plaatsen. Misschien had een beschreven tijdslijn wel handig geweest, toch voor een leek, een kunstkenner al is het maar een beetje heeft er waarschijnlijk minder problemen mee.
Het boek probeert Magritte echt wel tot leven te brengen (waarin het trouwens geslaagd is) en dan hebben we het niet alleen over zijn kunstwerken. Magritte was ook een denker en schreef heel erg veel, vooral brieven. Tijdens zijn leven werd er al eens een en ander gepubliceerd van hem. Zijn lezing in het KMSKA (Antwerpen) in 1938 onder de titel 'La ligne de vie' waarin hij de oorsprong en ontwikkeling van zijn kunst en de geschiedenis van de surrealistische beweging in België belicht, is zowat het belangrijkste van zijn hand. Zijn relaties met anderen en zijn karakter komen zeer zeker ook aan bod in deze biografie.
Een van de redenen waarom ik deze biografie las was omdat er van 15 november 2025 tot 22 februari 2026 een tentoonstelling over Magritte liep in het KMSKA onder uiteraard ook de titel 'La ligne de vie'. En ik moet zeggen dat het absoluut een meerwaarde had om de biografie gelezen te hebben vooraleer de tentoonstelling te bezoeken.
Wat betreft het lezen zelf was ik niet altijd onder de indruk van het boek. Het verloor zich soms in details maar het voornaamste minpunt van het boek was dat de historische context slechts zeer miniem aan bod kwam. Een persoon leeft in een bepaalde tijd en in dit boek speelt zo goed als alleen de kunstwereld en -tijd een rol en slechts sporadisch de geschiedenis en wat nu net een van de redenen is wat een biografie boeiend maakt voor mij.
Magritte was een interessant boek om de schilder Magritte te leren kennen en meestal las het vlot. Ik ben een tevreden lezer en heb heel wat bijgeleerd. De tentoonstelling in het KMSKA was trouwens top!

Uitgeverij: Spectrum (2021) - 452 blz (453-558 Afkortingen, Noten, Register en Oeuvreregister)
Oorspronkelijke titel: Magritte: a life
Vertaling: Cornelis van Ginneken

dinsdag 17 februari 2026

Omwegen - Thomas Heerma van Voss

Een wandeling
Voor een wandelvakantie in de Ardennen koopt Thomas Heerma van Voss twee dingen: een opschrijfboekje en stevige schoenen. Hij is de enige onervaren loper van het gezelschap. Terwijl Heerma van Voss langs de Semois loopt over kleine wegen en open velden, langs dorpen zonder winkels, weet hij nog niet dat dit dit laatste keer is dat hij in deze familie de rol heeft van schoonzoon, zwager en geliefde.
Hij komt aardig mee, al zondert hij zich soms af om aantekeningen te maken. Levendig roept hij het beeld op van een schrijver die zichzelf moet verhouden tot een hecht gezin, tot de natuur, tot de peddels op het wat er tijdens de kanotocht die hij samen met zijn vriendin onderneemt. Maar de naam van het prachtige landhuis waar zich de apotheose voltrekt van deze familieweek wil hem bij terugkomst maar niet te binnen schieten.
Wat blijft en wat verdwijnt? Heerma van Voss toont zich in Omwegen een scherpzinnig observator van een familiedynamiek die niet de zijne is, en een zorgvuldig chroniqueur van een feilbaar geheugen.

****

Thomas Heerma van Voss (Amsterdam, 1990) is een zoon van oud-omroepbaas Arend Jan Heerma van Voss en sociologe Christien Brinkgreve. Dit is een van de redenen waarom deze auteur in mijn vizier kwam, ik las namelijk onlangs Beladen huis van zijn moeder Christien Brinkgreve. Een andere reden was dat hij vorig jaar genomineerd was voor de Boon 2025 in de categorie fictie/non-fictie met het boek Het archief. Heerma van Voss studeerde Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam en in 2009 verscheen reeds zijn debuutroman. Naast boeken schrijft hij nog voor kranten en andere media.
Omwegen is een heel dun boekje dat verscheen in de reeks Terloops van uitgeverij Van Oorschot, het is een reeks van wandelboekjes waarin schrijvers een eigen wandelervaring beschrijven waarin de wandelbelevenis centraal staat. Eerder las ik hieruit Wantij van Jaap Robben wat een verrassende en mooie ervaring was en deze Omwegen was dat ook. Het zijn toffe boekjes die absoluut aan te raden zijn.
Thomas Heerma van Voss smijt je al dadelijk in zijn wandelverhaal, 'Vlak voor mijn vriendin besloot dat ze niet langer mijn vriendin was, ging ik met haar familie een week wandelen in de Ardennen'. En dat het boeiend was daar kan je zeker van zijn. Het was niet dat je tijdens het lezen zat te lachen en toch was het een luchtig verhaal dat zeer tot de verbeelding spreekt. En het was dan ook nog een wandelboek over een streek waarop mijn oog al eens gevallen was.
Omwegen was dus zeker een boek waardoor je naar zijn andere boeken begint te kijken en niet in het minst omdat hij heel erg goed schrijft met een relativerend vermogen om jaloers op te zijn. Het is dan wel een heel dun boek en toch is de auteur er in geslaagd om er heel veel in te steken, zowel over wandelen en de streek in de Ardennen als over familie en relaties. Omwegen is een heel erg mooi boek geworden, klein maar fijn.

Uitgeverij: Van Oorschot (2023) - 66 blz.

woensdag 11 februari 2026

Op het graf - Fred Vargas

Er gebeuren vreemde dingen in Louviec, een klein dorpje in Bretagne: sommige bewoners horen 's nachts een raar geluid, alsof iemand met een houten been door de straten loopt. Dat zorgt voor paniek in de gemeenschap, want volgens een lokale legende gaat het om 'de Manke', de ronddolende geest van een achttiende-eeuwse graaf. De vorige keer dat deze geest het dorp terroriseerde was veertien jaar geleden, en toen eindigde het met een moord. Daarom zijn velen bang dat er nu weer onheil op komst is.
En ze krijgen gelijk: binnen korte tijd vallen er twee doden. Commissaris Adamsberg raakt bij de zaak betrokken en moet alles op alles zetten om wijs te worden uit de verwarrende en mysterieuze aanwijzingen, en bijgeloof en feiten van elkaar te kunnen onderscheiden.

***

Fred Vargas (Parijs, 1957) is historicus en archeozoöloge maar ook auteur van voornamelijk politieromans, haar bekendste zijn deze met Commissaris Adamsberg in de hoofdrol. Ze won verschillende prijzen met haar boeken die in vele landen worden uitgegeven, ze verschenen echter niet allemaal in Nederlandse vertaling. De cover van dit boek sprak me zeker aan, het heeft een vleugje mysterie net zoals de titel en ook de achterflap triggerde me. En dus belandde het op mijn leeslijst.
Vargas heeft toch een aparte stijl wat betreft de plot en de wendingen, zo lees je ze niet vaak. De manier waarop Adamsberg naar het dorpje in Bretagne gelokt wordt want daar lijkt het toch op, is een verrassende keuze, het is eens iets anders. Maar ook de ontwikkelingen in het verhaal verrasten en een groot deel van het boek valt daar zeker mee te leven. Maar hoe verder je komt hoe minder geloofwaardig het allemaal wel werd. De auteur positioneert Adamsberg als een speciale figuur wat betreft zijn onderzoeksmethoden en daar is niets mis mee maar het liep toch wel de spuigaten uit. Zeker wanneer hij een 'verhaal' vertelt over hoe hij 'denkt' dat het gegaan is, het lijkt helemaal niet op een geloofwaardig politieonderzoek. Nog een puntje was dat de commissaris zo tussen de soep en de patatten door nog enkele andere onderzoeken die ter sprake kwamen bij zijn team in Parijs, afsluit zonder noemenswaardig onderzoek, dit zijn toch wel rare zijlijntjes.
Op zich had het boek wel een heel erg goede plot en het was regelmatig verrassend en origineel te noemen. Vargas schetst haar personages op een goede manier zodat je helemaal mee bent.
Op het graf is een goed boek met een goede plot dat vlot en gemakkelijk leest en soms zelfs grappig is, Fred Vargas heeft absoluut schrijverstalent. Het boek heeft een mooie en intrigerende cover én achterflap maar deze zetten je toch op het verkeerde been aangezien het toch niet zo mysterieus was als het beloofde te worden. Commissaris Adamsberg mag dan wel een super misdaadonderzoeker en oplosser zijn, toch komt hij niet altijd even sympathiek over en begon hij te storen, alleszins toch voor mij, en hetzelfde voor de plot, ook deze begon uiteindelijk storende elementen te vertonen. Dit is echter een persoonlijk gevoel en ik kan me heel goed inbeelden dat andere lezers er anders over denken. Een gewoon goed boek dus, zeker niet meer.

Uitgeverij: De Geus (2025) - 440 blz.
Oorspronkelijke titel: Sur la dalle
Vertaling: Marijke Scholts

zaterdag 7 februari 2026

In een groen knollenland - Bibi Dumon Tak

Een schotschrift tegen de jacht
Bibi Dumon Tak verhuisde vanuit Amsterdam naar stiltegebied 33, voor haar rust. Om vervolgens bijna iedere ochtend wakker te worden van geweerschoten. Jagers knallen haar rust aan flarden. Ze besloot zich te verzetten tegen de mannen die op luidruchtige wijze een einde maken aan het leven van hazen, eenden, ganzen, herten en wilde zwijnen.
In Waterland, in de Ardennen, in de Kroondomeinen van het Koninklijk Huis: overal wordt gejaagd, en daarbij zoeken de jagers de grenzen op van wat wettelijk is toegestaan, en vaak gaan ze eroverheen. Maar om de een of andere schimmige reden komen ze er uiteindelijk toch mee weg. Bibi Dumon tak ontdekte dat in de jacht veel gebeurt wat het daglicht niet verdragen kan. Dat onrecht stelt ze aan de kaak in dit schotschrift over de praktijken van de jagers, die telkens opnieuw door de mazen van het net glippen. Hun taal is daarbij omfloerst. Het woord 'bloed' wordt vermeden en jacht heet vaak 'natuurbeheer'.
Waarom kies je voor zo'n hobby? Waarom kies je ervoor om je ontmoeting met een dier in het wild te laten eindigen met de dood? Dit boek is een woedend pleidooi tegen de mannen die dood en verderf zaaien in onze velden en bossen.

Bibi Dumon Tak (Rotterdam, 1964) is een Nederlandse schrijfster die voornamelijk boeken voor kinderen schrijft en waarvan er heel wat non-fictie zijn, haar debuut verscheen in 2001. Ondertussen heeft ze ook een vijftal boeken voor volwassenen geschreven. Ze ontving heel wat prijzen waaronder de prestigieuze, driejaarlijkse Theo Thijssen-prijs voor kinder- en jeugdliteratuur en dit voor haar hele oeuvre (2018). Ze studeerde Nederlandse taal- en letterkunde aan de Universiteit Utrecht, is vrijwilligster bij de dierenambulance en actief voor de Partij voor de Dieren. Dieren nemen een grote plaats in in haar leven en vele van haar boeken zijn er dan ook aan gewijd.
Bij de colofon van het boek valt dit te lezen: 'Deze uitgave is een schotschrift en dient gelezen te worden als een pamflet. Het geeft de persoonlijke mening van de auteur weer waarbij zij soms in felle bewoordingen strijdt tegen jagers en de jacht.'  En dat zal je zeker geweten hebben. Bibi Dumon Tak haalt heel het schotschrift uit naar de jagers en hun verenigingen waarbij ze geen blad voor de mond neemt en vloekt en tiert. Maar dit doet ze niet in het wilde weg, ze heeft het pamflet netjes opgedeeld in drie delen en ze benadert het onderwerp gestructureerd. Ze geeft veel juridische informatie die ze zelf gaandeweg moest opduikelen door ambtenaren aan te spreken, documenten te doorploegen en ze neemt ook vaak de site van de Koninklijke Nederlandse Jagersvereniging (Koneja) onder de loep.
Er valt in dit boek heel wat op te steken over de materie maar het is vooral ook een geweldig boek om te lezen. De auteur geeft verschillende gesprekken weer die ze onder andere heeft met de jagers en deze klinken absurd en hilarisch. Ook over de site van hun die ze regelmatig checkt, heeft ze heel wat te zeggen, over hun nietszeggende teksten en uitspraken en zelfs hun taalgebruik dat alle regels van de Nederlandse taal tart. Haar taalgebruik is anders wel schitterend en ze weet de lezer op haar hand te krijgen door haar humor, er kan immers goed wat gelachen worden tijdens het lezen van dit boek.
Het is nochtans een thema dat helemaal niet lachwekkend is, de manier waarop jagers zich gedragen, uiten en hun 'perverse' hobby beoefenen, is wraakroepend. Wat de auteur hier ook nog aan het licht brengt, is de macht die de vereniging schijnt te hebben waardoor ze de politiek en wetgevende machten naar hun hand kunnen zetten door onwaarschijnlijk lobbywerk bij de gemeente, provincie en de rijksoverheid. In het tweede deel van het boek viseert ze het Kroondomein, het jachtterrein van de koninklijke familie en ook daar gebeuren dingen die je niet voor mogelijk houdt. Je kunt niet anders dan versteld staan van wat er allemaal aan de hand is in de wereld van de jacht en diens oeroude gebruiken.
In een groen knollenland is een geweldig goed boek oftewel pamflet van een schrijfster die ik nog niet kende. Maar ik ben helemaal in de ban van haar manier van schrijven, deze is geweldig goed. Dit boek was binnen de kortste keren uit en ik heb er enorm van genoten. Maar langs de andere kant maakt het boek je ook woedend, een hobby die dood en verderf zaait in deze tijd? Bibi Dumon Tak waarschuwt de jagers dat hun rijk ten einde loopt en en dat ze niet langer in deze wereld thuishoren. Een aanrader dit schotschrift.

Uitgeverij: De Geus (2021) - 184 blz.

dinsdag 3 februari 2026

Aan het einde van de oorlog - Bert Natter

De negenjarige Ernst, jongste zoon van ss-Obersturmführer Karl Zehlendorf, raakt vermist in de buurt van een concentratiekamp. Zijn broer Reinhart beweert Ernst te hebben achtergelaten aan de oever van het verraderlijk diepe meer, waar ze aan het vissen waren. Hij zal toch niet in het water zijn gevallen? Terwijl de geallieerde legers in de verte al te horen zijn en iedereen in het kamp beseft dat het einde van de oorlog nabij is, gaat Karl op zoek naar zijn zoon.

****

Bert Natter (Baarn, 1968) begon na zijn lyceum aan een studie Nederlandse taal- en letterkunde maar dit hield hij na twee jaar voor bekeken en ging aan de slag als redacteur. Later werkte hij nog als uitgever en journalist en hij schreef veel, onder andere columns over kunst en cultuur voor het Utrechts Nieuwsblad. Sinds 1993 staan er verschillende publicaties op zijn naam en in 2008 debuteerde hij dan met de roman Begeerte heeft ons aangeraakt. Ook zijn volgende boeken ontvingen prijzen of nominaties maar zijn grote succes kwam toch met Aan het einde van de oorlog dat verschillende herdrukken kende sinds de uitgave in januari 2025.
Het toch wel lijvige boek begint met een plattegrond van het kamp en een lijst met personages, het zijn er maar liefst 31, ik heb het geteld. Tijdens het lezen wordt het wel duidelijk waar de personages zich plaatsen in het verhaal maar dat neemt niet weg dat het zeer fijn is om dit heel af en toe toch nog eens te kunnen opdiepen uit de lijst. En het plannetje vond ik top, helemaal mijn ding. Bij de personages werd gemeld dat het 20 april 1945 is bij de start van het boek, en hoe verder je dan raakt in het boek werd het duidelijk dat het einde niet ver in de toekomst lag, en wat bleek? Het boek eindigde 24 uur later, of toch ongeveer.
De manier waarop het boek opgebouwd was, dat was echt toch wel wennen. De auteur koos ervoor om het verhaal chronologisch te vertellen tegelijk vanuit het perspectief van de verschillende personages. Dit wil zeggen dat een gebeurtenis of een gesprek in kleine alinea's werd opgedeeld en telkens stond dan bij het begin van de alinea of stukje tekst de naam van waaruit werd gekeken. Daar heb ik toch even over gedaan om dit gewend te raken maar dat is gelukt. Het zorgt er voor dat je een compleet beeld krijgt van dat gegeven wat best wel interessant was, maar langs de andere kant zorgde het voor een breuk in de verhaallijn. Je werd dan uit het verhaal getrokken en als het wat verder weer verder ging, moest je er telkens terug inkomen. Maar zoals gezegd, wendde het. Daarnaast zorgde deze constructie er voor dat het boek 'anders' is dan de vele oorlogsverhalen die reeds geschreven zijn.
De rode draad doorheen het verhaal is de vermissing van Ernst, de jongste zoon van Karl en Christine Zehlendorf, Karl is de op één na hoogste in rang daar in dat kamp. Dit was wel slim gevonden van de auteur. Het verhaal beslaat maar 1 dag in het leven van het concentratiekamp maar door de zoektocht naar de elfjarige jongen komt zowat heel het reilen en zeilen van het kamp in beeld. Temeer omdat het, zoals de titel doet vermoeden of eigenlijk gewoon zegt, het einde van de oorlog en de bevrijding van dit kamp nakende is en je ook dit deel van de oorlog meekrijgt. Het rode leger dat op 20 april al duchtig te horen is, komt steeds dichterbij en een dag later staan ze voor de poorten van het kamp.
In dit boek is er aandacht voor het leven in het kamp van de gevangenen, het is trouwens een vrouwenkamp, maar ook het leven van de kampleiding en zijn personeel wordt uit de doeken gedaan, misschien zelfs nog meer dan dat van de gevangenen. Dit is ook al een van de redenen waarom dit boek anders is en interessant. Je bekijkt deze dag vanuit de ogen van de gevangenen maar dus evenzeer vanuit hun kampleiders, het burgerpersoneel en bewakers. De gruwelen die beschreven worden zijn buitensporig en onwillekeurig, de horror. In het boek zelf wordt er wel wat gebraakt maar ook de lezer krijgt braakneigingen bij het lezen van al deze wreedheden. Maar ook dit is dus vanuit de ogen van de veroorzakers hiervan beschreven.
Aan het einde van de oorlog is een interessant en speciaal geconstrueerd boek over een thema waar ontelbare boeken aan gewijd zijn. En dit moet ook nog vermeld, de schrijfstijl van Bert Natter is heel erg goed, het leest vlot en boeiend maar hij weet er vaak ook een humoristische noot in te steken, dit is onmiddellijk een pluspunt. De absurde plotwendingen die hij in het boek heeft verwerkt, zijn subliem, maar dat is aan de lezer om te ontdekken. Het boek verliest soms vaart door de breuklijnen die het gevolg zijn van de voortdurende gezichtspuntveranderingen en soms gaat het inderdaad ook wat traag, maar eenmaal je gewend bent aan de stijl en constructie kun je niet anders dan door het verhaal vliegen. Bert Natter heeft een meer dan goed boek geschreven, een aanrader!

Uitgeverij: Thomas Rap (2025) - 634 blz.

maandag 2 februari 2026

Leeft een rivier? - Robert Macfarlane

Overal ter wereld sterven rivieren door vervuiling, droogte en indamming. Al sinds mensenheugenis moeten rivieren dienstbaar zijn: als transportmiddel, als energie- en voedselbron, als open riool. Wereldwijd is er echter ook een beweging gaande die het leven en de rechten van rivieren en andere natuurverschijnselen wil erkennen en in de wet wil vastleggen om verdere vernietiging tegen te gaan.
Natuurschrijver Robert Macfarlane is diep overtuigd van deze natuurrechten. In Leeft een rivier? onderzoekt hij de herkomst en de betekenis ervan door zijn lezers mee te nemen op een reis langs drie grote rivieren in Ecuador, India en Canada. Alle drie worden ze bedreigd en om alle drie wordt strijd geleverd. Samen met hun beschermengelen volgt hij hun loop vanaf de bron in nevelwoud of oeroude steenvlakten tot waar ze na roerige omzwervingen uitmonden in zee.
Leeft een rivier? is Macfarlanes meest persoonlijke én politieke boek tot nu toe. Het bruist van de fascinerende ideeën, onvergetelijke personages en verhalen, en van de haarscherpe natuurobservaties die zijn handelsmerk zijn. Ook in dit boek verweeft hij cultuur- en natuurgeschiedenis, reportages, reis- en natuurverslagen met poëtische proza.

Robert Macfarlane (Nottingham, 1976) is vooral bekend als natuurschrijver en zijn werk wordt wereldwijd uitgegeven. Hij won ontelbare prijzen en er werden documentaires gemaakt van enkele van zijn boeken. In 2003 debuteerde hij met Hoogtekoorts, enkele andere boeken zijn Benedenwereld, De oude wegen en De laatste wildernis. Landschap, natuur, plaatsen, mensen en taal staan centraal maar hij vertelt ook verhalen al dan niet persoonlijk.
Drie rivieren en dus drie delen in dit boek en dan nog in verschillende continenten. Vooreerst heeft hij de Rio Los Cedros in Ecuador bezocht en het nevelwoud dat daar te vinden is. Wat de auteur hier beschrijft was werkelijk prachtig, je zag het zó voor je ook al ben je er nog nooit geweest en kende je het zelfs niet wat bij mij het geval was. Een openbaring was het. Macfarlane neemt je echt helemaal mee op de reis die hij daar maakt en zijn beschrijvingen zijn werkelijk subliem. Hij neemt je trouwens niet alleen mee in het gebied maar laat je ook kennismaken met de mensen die hij daar ontmoet en diegenen waarmee hij de reis maakt, ook deze staan je levendig voor ogen. Het cederwoud en de rivier in Ecuador worden echter bedreigd door mijnbouw en het is een voortdurend vechten tegen bedrijven en zelfs overheden. Het was fantastisch om te lezen dat er in dit land en voor dit gebied serieuze overwinningen werden behaald ten voordele van de rivier en het woud errond.
Het tweede deel speelt in India aan de oostkust van het land en redelijk zuidelijk. Hier heeft hij het meer over een gebied van drie rivieren, de Adyar, de Cooum en de Kosasthalaiyar die in Chennai in de Indische Oceaan uitmonden. Het gevecht dat de mensen hier moeten leveren om hun rivieren te beschermen is werkelijk hallucinant en het leven van de bevolking is er in bepaalde gebieden toxisch in de overtreffende trap, de vervuiling is enorm. In dit deel gaat het ook over schildpadden, vogels en zelfs slangen en het was om ter boeiendst om te lezen.
De derde rivier is de Mutchekau Shipu, de Magpie voor de Canadezen, we zitten hier dus in oostelijk Canada en de auteur werd op deze tocht vergezeld van een oude vriend, Wayne Chambliss. In de vorige twee delen bezocht Macfarlane al wandelend de rivieren maar aan deze rivier is dat op grote stukken niet mogelijk. Ze varen dus het traject af met kano's met zo nu en dan wat oversteken, een zware tocht van een honderdzestig kilometer. En zwaar was het absoluut, zelfs mijn hart ging er van te keer bij wijze van spreken bij het lezen van dit verhaal. Ze ondernamen de tocht met twee gidsen en onverwachts ging er ook nog een vijfde man mee die ze vlak voor ze zouden overgevlogen worden naar het startpunt meevroegen en wat hij dus deed. Het gevecht dat voor deze rivier moet geleverd worden, is er eentje tegen de verschillende bedrijven die het gebied willen indammen, een groot deel van dit land zou daardoor onder water komen te staan en de rivier zou verdwijnen.
Drie rivieren dus met elk hun eigen problemen waardoor het leven er in gevaar komt en zeker niet alleen van de rivieren zelf. Ik was onder de indruk van hoe er gevochten werd voor deze rivieren en de natuur errond en de resultaten die behaald werden. Maar het werd ook duidelijk dat het een blijvende strijd is. Er klonk dus absoluut hoop door in het boek ook al klonk het vaak als een strijd van David tegen Goliath. Maar er werden zeer zeker indrukwekkende overwinningen behaald en dat deed zo een deugd om dit te lezen!
Robert Macfarlane heeft met Leeft een rivier? weer een schitterend boek toegevoegd aan zijn oeuvre. Het behelst veel, je krijgt beschrijvingen van de natuur maar evenzeer krijg je ook wat geschiedenis mee en politieke inzichten. En of dit nog niet genoeg is, nog wat persoonlijke en menselijke verhalen. Leeft een rivier? is een geweldig boek dat heel erg vlot leest, soms zelfs spannend is en je steekt er ook nog heel wat van op. En als je er nog niet van overtuigd was, weet je na het lezen van dit boek zéker dat een rivier een bewustzijn en geheugen heeft, en zelfs een ziel. Maar zeker was ik ook overweldigd door al de inspirerende mensen in dit boek en wat ze reeds hebben kunnen bereiken ter bescherming van hún rivieren. Ik kan dit boek niet anders dan aanbevelen!

Uitgeverij: Athenaeum--Polak & Van Gennep (2025) - 337 blz. (339-416 Glossarium, Noten, Selecte bibliografie en bronnen, Dankwoord en wat achteraf gebeurde, Register)
Oorspronkelijke titel: Is a River Alive?
Vertaling: Nico Groen

dinsdag 27 januari 2026

Ochtend in Jenin - Susan Abulhawa

Roman over 'de andere kant' van het Palestijns-Israëlisch conflict: de Palestijnse vluchtelingen die uit hun land verbannen werden na de stichting van de staat Israël in 1948.
De familie Abulheja wordt gedwongen hun dorp Ein Hod te verlaten en naar een vluchtelingenkamp in Jenin te vertrekken. In de chaotische vlucht raakt de jonge Isma'iel vermist. Hij wordt meegenomen door een Israëlische soldaat en groeit op als een joodse jongen met de naam David. Zijn tweelingbroer Joessoef kiest, gedreven door een alomvattende haat jegens de bezetters, de radicale kant van de PLO. Door de ogen van Amaal, hun jonge zusje, zien we hoe drie decennia van geweld en oorlog voorbijgaan.

****

Susan Abulhawa (Koeweit, 1970) is een dochter van Palestijnse vluchtelingen en kende een chaotische jeugd waarin ze na de scheiding van haar ouders kort na haar geboorte, afwisselend verbleef in Koeweit, Jordanië, Palestina en de Verenigde Staten, uiteindelijk belandde ze zelfs in de pleegzorg. Ze studeerde biomedische wetenschappen en werkte als researcher in de farmaceutische industrie. Ze is mensenrechtenactivist, politiek commentator en oprichter van Playgrounds for Palestine, een organisatie die zich inzet voor het recht van Palestijnse kinderen om te spelen. Maar ze is dus ook auteur. In de VS publiceerde ze artikelen over de Palestijnse kwestie, ze schrijft poëzie en heeft tot nog toe drie boeken uitgebracht, Ochtend in Jenin is haar debuut. Het boek werd oorspronkelijk in 2006 gepubliceerd als Het litteken van David maar met de heruitgave onder de titel Mornings in Jenin in 2010 brak het internationaal door.
Het boek is helemaal chronologisch opgebouwd en loopt over verschillende decennia. Daardoor leest het heel erg gemakkelijk. De actualiteit staat nu nog steeds bol van wat er zich allemaal afspeelt in Palestina en Israël en dat blijkt dus al bijna een eeuw aan de gang. Susan Abulhawa kent als geen ander de situatie van de Palestijnen in bezet gebied en dit heeft ze goed uit de doeken gedaan. De ellende die de familie Abulheja meemaakt is werkelijk hallucinant. Door de lange periode die ze beschrijft, is het geen gedetailleerd boek geworden maar meer een overzicht van wat er zich gedurende die tijd heeft afgespeeld. Het mogen dan wel fictieve personages zijn, het verhaal is helemaal op feiten gestoeld. De wreedheden die gewoon uit het niets komen, zijn verschrikkelijk om te lezen, laat staan dat je ze moet ondergaan, en toch is dit ook nu nog dagelijkse realiteit in het gebied.
Ochtend in Jenin is absoluut een boek dat je kan aangrijpen maar je er emotioneel in verliezen, is niet aan de orde, daarvoor beslaat het een teveel aan decennia en generaties. Susan Abulhawa is er echter wel in geslaagd om de lezer zich betrokken te laten voelen bij het leed dat het Palestijnse volk wordt aangedaan, afschuw is zeker een emotie die bij de lezer opkomt. En de wetenschap dat dit ook nu nog aan de gang is, roept een vorm van kwaadheid op.
Er mag dan wel veel ellende te lezen zijn in dit boek, er is toch ook hoop te bespeuren en het boek gaat zeker ook over vriendschap en liefde, al dan niet in familieverband.
Ochtend in Jenin is een boek dat een heel erg goed beeld geeft van het leven in de kampen en het leest vlot. Je zou kunnen zeggen dat het een mooi boek is, maar dat is toch een woord dat je in feite niet kan bezigen gezien het onderwerp, onderdrukking, martelingen, moord en allerlei andere wreedheden zijn moeilijk 'mooi' te noemen. Moest je nog geen beeld gehad hebben van de situatie in de streek, na het lezen van dit boek, kan je er niet meer onderuit, wat er daar gebeurt is pure horror, onbegrijpelijk!

Uitgeverij: De Geus (2012) - 413 blz.
Oorspronkelijke titel: Mornings in Jenin (2010)
Vertaling: Marianne Gaasbeek

donderdag 22 januari 2026

De zaak Alaska Sanders - Joël Dicker

April 1999. Mount Pleasant, een rustig stadje in de Amerikaanse staat New Hampshire, wordt opgeschud door een gruwelijke moord. Het lichaam van een jonge vrouw, Alaska Sanders, wordt gevonden aan de rand van een meer. De politie verkrijgt al snel een bekentenis van de dader en zijn handlanger en sluit het onderzoek.
Elf jaar later ontvangt sergeant Perry Gahalowood een verontrustende, anonieme brief, die de uitkomst van het eerdere onderzoek geheel in twijfel trekt. Wat als er een grove fout is gemaakt?
Met hulp van de bevriende schrijver Marcus Goldman, die inmiddels beroemd is geworden door zijn boek over Harry Quebert, besluit Perry het onderzoek te heropenen, met alle gevolgen van dien.

****

Joël Dicker (Genève, 1985) is een Zwitserse bestsellerauteur die met zijn tweede boek, De waarheid over de zaak Harry Quebert (2012) doorbrak en prijzen in de wacht sleepte. Ondertussen heeft hij 8 boeken op zijn naam staan waarvan er 7 verschenen zijn in Nederlandse vertaling. De zaak Alaska Sanders is zijn derde boek met Marcus Goldman.
De manier waarop de auteur zijn boeken in deze reeks vormgeeft, is best speciaal. Goldman doet onderzoek naar een moord die elf jaar geleden plaatsvond en waarrond hij een boek zoekt te schrijven en het is dat verhaal dat we lezen. Harry Quebert die de hoofdrol speelde in het eerste boek in de serie, krijgt nu een zeer kleine plaats in het boek, het is geen meerwaarde maar zorgt wel voor enige continuïteit. 
Het onderzoek naar de cold case is erg boeiend geschreven en het verhaal heeft een stevige plot die geweldig goed in elkaar zit. Dicker brengt er vaak verrassende plotwendingen in en al helemaal aan het einde bij de ontknoping. Het is een echt puzzelwerk geworden en het onderzoek draait verschillende kanten uit, Goldman en Gahalowood worden regelmatig op het verkeerde been gezet en de lezer dus ook.
De auteur diept de verschillende personages uit en hij vertelt gedetailleerd, nadeel is dat het boek daardoor soms de neiging vertoont om langdradig te worden en er sloop wel wat herhaling in. Er zaten erg veel verwijzingen in naar de twee vorige delen en dit was ook al geen meerwaarde. Toch las het boek enorm vlot en vlieg je er doorheen. Persoonlijk vond ik de ontknoping zoals gezegd heel erg verrassend maar langs de andere kant was het toch ook wat ontgoochelend. Er waren doorheen het boek onvoldoende of zelfs geen aanwijzingen in deze richting en de dader kwam piepen als een duveltje uit een doosje. Of ik heb er over gelezen, dat kan ook natuurlijk.
De zaak Alaska Sanders is een stevig geconstrueerd boek met een sterke plot en vele verrassende plotwendingen. Het had misschien iets dunner mogen zijn, wat minder uitgesponnen, de spanningsboog ontbrak daardoor immers maar niettemin was het een waar genot om in dit boek te kunnen duiken, het leesplezier scoorde hoog. Joël Dicker is een fantastisch verhalenverteller.

Uitgeverij: De Bezige Bij (2022) - 568 blz.
Oorspronkelijke titel: L'Affaire Alaska Sanders
Vertaling: Angela Knotter

woensdag 14 januari 2026

De val - Matthias M.R. Declercq

Vijf jongens, vijf aardige jongens
Min of meer bij toeval ontmoeten ze elkaar in de loop van een paar jaar, aan het begin van deze eeuw, omdat ze alle vijf één doel kennen: de koers. Ze ambiëren allemaal een carrière als profrenner. Op het jaagpad langs de Schelde, van Gent naar Oudenaarde, trainen ze samen. Iljo Keisse, Wouter Weylandt, Dimitri De Fauw, Bert De Backer en Kurt Hovelijnck.
Ze zijn jong, viriel, populair, en schoppen het inderdaad tot profwielrenner. Their finest hour, als ze het eenmaal zijn. Maar het leven blijkt harder dan de droom. Wat hen samenbracht, de koers, rukt hen ook uit elkaar. Ongenadig en definitief. Vijf jongens, vijf aardige jongens.

***

Matthias M.R. Declercq (1985) is afkomstig uit West-Vlaanderen en woont in Gent waar hij ook vaak rijdt op het jaagpad dat de basis vormt voor dit boek. Hij studeerde Politieke en Sociale Wetenschappen waarna hij schreef voor o.a. De Morgen, Humo en het wielertijdschrift Bahamontes. Hij ontdekte een voorliefde voor taal en verhaal en zo kwam zijn debuut uit in 2017 (De val) en een tweede boek (De ontdekking van Urk) in 2020. Beide zijn non-fictie boeken die echter lezen als een verhaal maar ze zijn dus wel degelijk gebaseerd op ware gebeurtenissen. In 2021 kwam er een zesdelige Belgische sportdocumentaire (Het Scheldepeloton) uit dat gebaseerd is op het boek De val.
Het was eens wat anders om te lezen, een volledig boek over wielrennen. Over 5 jonge mannen met veel ambitie en daardoor lees je een stuk sportgeschiedenis over een periode van ongeveer 15 jaar aan het begin van deze eeuw. Maar dat is het zeker niet alleen, het boek gaat meer nog over vriendschap, volwassen worden en het overwinnen van tegenslagen, het leven dus.
De auteur heeft het verhaal met heel veel flair geschreven en zeker in het begin met heel wat humor, later in het boek werd het wel serieuzer. De opbouw was ook geen sinecure, het verhaal flippert nogal heen en weer doorheen de tijd maar het is niet zo dat je de draad kwijt raakt, het lukte aardig goed om de tijdslijn te blijven volgen, of toch ongeveer. Het zorgde er zeker voor dat het daardoor interessanter las.
Inhoudelijk moet je er toch wat voor zijn, als je totaal niet geïnteresseerd bent in het wielrennen is het af en toe iets té wielerachtig en taande de interesse maar voor het overgrote deel las het toch als een ware roman.
De val las vlot en je werd zeker meegenomen in het verhaal van de vijf jongens, in hun dromen en ambitie, vriendschap en overwinningen en dat niet alleen op sportief vlak. Het was tof om als complete leek in het wielrennen een kijkje te kunnen nemen in deze wereld maar dan achter de schermen. Matthias Declercq is er absoluut in geslaagd om de lezer mee te slepen in het verhaal van deze jongens en de feiten in een eerlijk verhaal te gieten. De titel is zeer treffend gekozen en deze oudere cover ook, de nieuwe uitgave oogt totaal anders.

Uitgeverij: Manteau (2016) - 281 blz.

zaterdag 10 januari 2026

In de ban van de jaarring - Valerie Trouet (samensteller)

Onze oudste bomen en de verhalen die ze vertellen
'Bomen hebben een geheugen. Ze bewaren de geschiedenis, en ze vertellen altijd de waarheid.' (Valerie Trouet)
Een boom vertelt meer dan je denkt. Samen met wetenschappers van over de hele wereld neemt Valerie Trouet je in dit prachtig geïllustreerd boek mee op een fascinerende reis door de tijd aan de hand van jaarringen.
Ze ontrafelen de verhalen van tien bijzondere oerbomen, van de reuzensequoia in Californië en de kauriboom in Nieuw-Zeeland tot de oeroude zomereik in West-Europa. Elke boom vertelt over het klimaat waarin hij groeide, de natuurrampen die hij overleefde en de mensen waarmee hij eeuwenlang in wisselwerking leefde.
In In de ban van de jaarring brengen elf topwetenschappers een ode aan de kracht, wijsheid en veerkracht van bomen. Ze vertellen niet alleen hun eigen verhalen, maar tonen je ook wat bomen ons vertellen over het verleden, het heden en de toekomst van onze aarde.

Valerie Trouet (Heverlee, 1974) is doctor in de bio-ingenieurwetenschappen en is vooral bekend van haar wetenschappelijk onderzoek op het gebied van de dendrochronologie, de datering van jaarringen van bomen. Ze bestudeert al meer dan twintig jaar de klimaatverandering aan de hand van deze jaarringen en daar hoort ook de invloed van het vroegere klimaat op onze ecosystemen en menselijke systemen bij. Ze schreef eerder de bestseller Wat bomen ons vertellen dat bekroond werd met de Jan Wolkersprijs voor beste natuurboek.
In dit boek schreef ze zelf de inleiding maar in de 10 overige hoofdstukken laat ze wetenschappers aan het woord van over de hele wereld en die hun aandacht aan 1 bijzondere boom geven waar ze dan ook jaren grondig onderzoek naar gedaan hebben. En dit zijn absoluut zéér interessante bomen die ons veel kunnen vertellen, niet alleen over de levensloop of het ontstaan of bestaan van de boom zelf en van hun soort maar ook over de klimatologische omstandigheden van vroeger en nu. Zo komt er zelfs wat geschiedenis aan te pas in een aantal van deze hoofdstukken.
Doordat het 10 verhalen zijn in toch wel korte hoofdstukken, lees je af en toe wel eens hetzelfde. Maar langs de andere kant lezen de hoofdstukken door de eigen aanpak van de verschillende wetenschappers telkens weer anders door hun verschillende benaderingen en spreekt het ene je misschien wel meer aan dan de andere. Wat ze wel allemaal gemeen hebben, is dat de focus toch altijd ligt op de relatie van deze bomen tot het klimaat.
In In de ban van de jaarring lees je wel wat interessante dingen maar door de korte hoofdstukken door telkens een andere schrijver is er toch veel overlapping en ze zijn ook niet allemaal even begenadigd als schrijver voor een breder publiek. Het boek is wel heel mooi vormgegeven en er staan schitterende illustraties in, prachtig! Inhoudelijk smaakte dit boek toch minder dan haar eerdere bestseller Wat bomen ons vertellen en dat wél volledig van haar hand is.

Uitgeverij: Lannoo (2025) - 209 blz. (210-224 Galerij, Aanbevolen literatuur, Register, Dankwoord)
Oorspronkelijke titel: In the Circle of Ancient Trees
Vertaling: Fred Hendriks en Nicole Seegers
Illustraties: Blaze Cyan

vrijdag 9 januari 2026

Elke laatste adem - Michael Robotham

Philomena McCarthy weet als geen ander hoe belangrijk het is om werk en privé gescheiden te houden. Ze werkt hard aan een mooie carrière bij de Metropolitan Police, terwijl haar vader en ooms beruchte Londense gangsters zijn.
Op een nacht treft Phil tijdens een patrouille een kind aan dat in pyjama alleen ronddwaalt. Wanneer ze het meisje terug naar huis brengt, ontdekt ze daar de nasleep van een dodelijke inbraak. Ondertussen wordt een paar kilometer verderop een bekende juwelier gevonden, vastgebonden aan een explosief in zijn geplunderde winkel.
De misdaden lijken met elkaar verbonden te zijn en al het bewijs leidt naar Philomena's vader. Phils twee werelden botsen en ze komt midden in een gemene bendeoorlog terecht die een gevaar vormt voor haarzelf, haar carrière en iedereen van wie ze houdt.

*****

Michael Robotham (Casino, Nieuw-Zuid-Wales, 1960) heeft met dit boek dan toch een vervolg geschreven op de thriller Als je van mij bent en daar kan ik niet anders dan héél blij mee te zijn. De Australische thrillerauteur en journalist debuteerde in 2004 met De verdenking en sindsdien ben ik absoluut fan van deze auteur. En nu voert hij Philomena McCarthy toch terug ten tonele samen met haar 'maffia-familie' en ik ben ook nu weer stevig onder de indruk van het schrijverstalent van de auteur wat betreft het schrijven van een spannend en humorvol boek met een stevige plot.
Als meesterverteller weet de auteur je van in het begin aan het boek te kluisteren en dit blijft zo tot je het boek dichtslaat. Zijn personages zijn schitterend en vooral de keuze voor een misdaadfamilie is een fantastisch goede vondst gebleken. Robotham weet je regelmatig op de lachspieren te werken met deze excentrieke familie, de discussies en conversaties zijn fantastisch om te lezen.
Maar evenzo de plot, de lezer blijft lange tijd in het ongewisse en ook al krijg je stilletjes aan wat vermoedens, toch zijn er wendingen die je helemaal niet ziet aankomen. En spannend werd het ook.
Elke laatste adem is een boek met een fantastische plot, mooie personages, het is spannend en zeer vlot geschreven met humor. Michael Robotham blijft een van mijn favoriete auteurs. Dikke aanrader maar lees zeker eerst het vorige boek met Philomena McCarthy.

Uitgeverij: De Bezige Bij (2025) - 430 blz.
Oorspronkelijke titel: The White Crow
Vertaling: Daniëlle Stensen

maandag 5 januari 2026

Jonkvrouw - Jean-Claude van Rijckegem & Pat van Beirs

Marguerite van Male is veertien en een half. Ze is de erfgename van Vlaanderen. Ze droomt van een witte ridder die haar naar een kasteel in de wolken zal voeren. Maar de ridders die ze ontmoet zijn allemaal sufferds die niet bestand zijn tegen haar pittige karakter en haar opvliegende aard. Op een dag beslist haar vader met wie ze die zomer zal huwen...
In haar eigen woorden vertelt Marguerite over haar vreselijke vossenhaar dat nooit in vorm blijft, over Willem die een meester is in de zoenkunde, over Roderik uit wiens kaakbeen ze een tand heeft geslagen, over de monnik Zannekin die stinkt als een varkenskot, over de vrije stad Brugge met haar knarsende uithangborden, over de boeken van haar moeder met hun smachtende liefdesverhalen, over de rode zweertjes in het gezicht van haar toekomstige echtgenoot en over de zwarte haat die ze voelt voor haar bloedeigen vader.

****

Jean-Claude van Rijckeghem (Gent, 1963) is voornamelijk bekend als scenarist en filmproducent maar hij is ook auteur. In eerste instantie schreef hij samen met Pat van Beirs 2 junior boeken rond het personage Spijker en het derde en vierde boek van hen beiden zijn de 2 historische jeugdromans Jonkvrouw en Galgenmeid. Daarna schreef van Rijckeghem nog vier junior en young adult boeken maar dan solo. Pat van Beirs (Gent, 1954) is scenarioschrijver, vertaler, leraar en auteur. Ook hij schreef na de vier gezamenlijke boeken nog enkele boeken op eigen naam. Jonkvrouw won net als Galgenmeid verschillende prijzen zoals de Prijs van de Kinder- en Jeugdjury Vlaanderen en de Boekenleeuw.
In Jonkvrouw vertelt Marguerite in de ik-vorm en in de tegenwoordige tijd over haar jeugd op het slot van Male bij Brugge. Het boek is gebaseerd op de historische figuur Margaretha van Male (1350-1405), een sleutelfiguur in de Vlaamse geschiedenis door haar huwelijk met de Bourgondische hertog Filips de Stoute. Over haar jeugd is heel weinig bekend en daar hebben de auteurs dan maar een verhaal rond gemaakt. Het werd een heel erg avontuurlijk boek van een meisje dat eigenlijk een jongen had moeten zijn en het werd zowaar een echt kwajongens boek, Marguerite moest absoluut niet onderdoen voor de jonge ridders in spe, integendeel, ze steekt ze meer dan eens de loef af.
Het verhaal speelt in de tweede helft van de 14e eeuw en dit bleek zeer zeker een boeiende periode. En dit valt goed te lezen in het boek, het mag dan soms wel op een schelmenroman lijken, de historische achtergrond komt heel goed naar voren waardoor je een zeer realistisch beeld krijgt van de tijdsgeest van toen.
Het werd zeker ook een spannend boek dat je reikhalzend doet verder lezen en het was daarbij vaak ook nog grappig en zelfs hilarisch soms, als je tenminste je fantasie laat gaan, ik zag het alleszins zó voor me en een verfilming van dit boek zou niet misstaan.
Jonkvrouw was voor mij een verrassende kennismaking met deze auteurs. De tip kwam van een bibliotheekmedewerkster en dat heb ik me absoluut niet beklaagd. Het is een spannend en humorvol boek met een gedegen historische achtergrond met ware basisfeiten ook al is het verhaal op zich verzonnen. Een mooi en vlot boek.

Uitgeverij: Facet (2005) - 280 blz.

donderdag 1 januari 2026

Doodvonnis - Peter James

De dochter van Meg Magellan is voor een tussenjaar in Zuid-Amerika. Wanneer Meg wordt opgeroepen als jurylid bij een rechtszaak waarin een drugsbaron uit Brighton terechtstaat, is dat voor haar een welkome afleiding.
Maar dan krijgt ze een telefoontje waarin haar te kennen wordt gegeven dat als de rechtszaak niet eindigt in een vrijspraak, ze haar dochter nooit meer zal zien.
Een nieuwe zaak voor inspecteur Roy Grace.

***

Peter James (Brighton, 1948) is een Brits filmproducent en auteur van heel wat boeken waarvan de meesten behoren tot de Roy Grace-serie en welke al voor een deel verfilmd zijn. Brighton is de plaats waar het verhaal zich afspeelt zoals in alle Roy Grace-boeken en aangezien de auteur zelf afkomstig is van daar weet je dat hij geen moeite heeft om het geheel zeer realistisch te beschrijven.
Ditmaal is het boek toch enigszins anders opgevat dan we gewoon zijn. Vooreerst is er een zeer grote plaats ingeruimd voor het rechtbankgebeuren en dat is fijn om te lezen alhoewel gezegd moet worden dat er schrijvers zijn die hier beter voor in de wieg zijn gelegd. Niettemin heeft het zeker zijn goede momenten.
Ten tweede is er in dit boek toch maar een kleine rol toegewezen aan Roy Grace en is er weinig plaats voor een politieonderzoek, slechts her en der wordt er wat onderzoek gevoerd en dat is wel spijtig want Peter James is hier goed in.
Het boek leest vlotjes maar spannend wordt het niet. Het boek oogt ook niet als een geheel maar is eerder versnippert, veel rechtbank maar dan vooral gezien vanuit Meg Magellan als jurylid en haar verhaal buiten de rechtbank en wat veel herhaling bevat. Dan zijn er weer wat hoofdstukken met Roy Grace en Glenn Branson en verder nog wat hoofdstukken waarin de misdadigers aan bod komen. Het persoonlijke leven van Grace ontwikkelt zich ook nog minimaal wat verder.
Peter James heeft met Doodvonnis een andere piste proberen in te slaan maar persoonlijk vind ik dit toch minder geslaagd. Het boek begon heel erg goed, er zat zeker ook humor in en de plot was goed bedacht. De uitwerking en zeker deze van het rechtbankgebeuren vond ik minder goed geslaagd en ik miste het recherchewerk. Het boek leest wel vlotjes maar vrijblijvender en minder spannend dan zijn andere boeken. Peter James kan beter.

Uitgeverij: De Fontein (2024) - 377 blz.
Oorspronkelijke titel: Find Them Dead
Vertaling: Lia Belt