Soms is een sessie van vijftig minuten in een zucht voorbij, soms voelt de therapeut zich al na vijf minuten uitgewrongen. Maar vandaag is alles anders.
In de spreekkamer stapt een vrouw binnen, vijfenzeventig jaar. Kristien. Doodgewoon, benadrukt ze zelf. Twee volwassen kinderen, een trouwe echtgenoot en een kat. Ze gaat terug naar de millenniumwisseling, naar het huis dat jarenlang leegstond, maar plots weer werd bewoond. Naar een wereld die niet de hare was, zwemlessen, chocoladetruffels. Ze is gekomen om te praten. Over Tove. Maar woorden hebben gevolgen.
De laatste sessie is een roman over dubbellevens, over vormen van liefde, obsessie, manipulatie en controle. Een verhaal dat blootlegt hoe we onze versie van de werkelijkheid telkens opnieuw scheppen, gedreven door onze eigen verlangens en angsten.
**
Saskia de Coster (Leuven, 1976) studeerde Germaanse Talen aan de KU Leuven en daarna literatuurwetenschap aan het UBC in Vancouver, Canada. Van jongs af was ze al actief bezig met schrijven en in 2000 debuteerde ze met Onder elkaar en in 2002 met een eerste boek Vrije val. Ze is daarnaast bezig met beeldende kunst en maakt films en video's maar ze is evengoed te vinden op festivals, geeft lezingen en neemt deel aan vraaggesprekken, gespreksavonden en debatten. Ze ontving verschillende prijzen en erkenningen voor haar werken. Als auteur is ze veelzijdig, ze waagt zich aan romans en verhalen maar evengoed aan filmscenario's, theaterteksten, columns en zelfs songteksten voor muzikanten.
De laatste sessie is het eerste boek dat ik las van haar, ze kwam in mijn vizier door de podcast Leesbaar van Annelies Moons en Joris Hessels. Het is een dun boek dat je sowieso in korte tijd uithebt maar het leest niet altijd even gemakkelijk. Saskia de Coster daagt de lezer uit doordat ze voortdurend van perspectief verspringt alsook in de tijd waardoor je toch beter bij de les kan blijven, ik moet zeggen dat het me niet altijd even goed lukte.
Het grote struikelpunt was voor mij het verhaal op zich, het interesseerde me maar matig. Er werd toegewerkt naar een bepaald slot en dat intrigeerde me om verder te lezen. Maar misschien lagen mijn verwachtingen te hoog, het kwam me niet geloofwaardig voor en ontgoochelde.
De laatste sessie bleek een boek te zijn dat mij persoonlijk niet kon bekoren maar dit wil niet zeggen dat het niet goed zou geschreven zijn, integendeel. De auteur weet de lezer te intrigeren en verwacht er wat inspanning van en dat is absoluut een pluspunt. En haar schrijfstijl is zeer mooi en goed. Misschien waag ik nog wel eens een poging.
Uitgeverij: Borgerhoff & Lamberigts (2025) - 153 blz.






