woensdag 1 april 2026

Marie Curie en haar dochters - Claudine Monteil

Marie Curie werd geboren in Polen, zorgde voor haar zieke moeder, reisde als arme jonge vrouw naar de universiteit in Parijs - en veroorzaakte een revolutie in de geneeskunde en het onderzoek naar radioactiviteit. Ze kreeg de Nobelprijs voor natuurkunde en die voor scheikunde.
Haar dochter Irène trad in de voetsporen van Marie. Vanaf haar zeventiende verrichtte ze heldendaden tijdens de Eerste wereldoorlog door gewonde soldaten te redden met de nieuwste medische technieken. Ook zij kreeg de Nobelprijs voor scheikunde. (De familie Curie won vijf nobelprijzen.) In 1936, toen vrouwen nog niet eens actief stemrecht hadden, werd ze het eerste vrouwelijk lid van de Franse regering.
De andere dochter, Ève, werd een succesvol pianiste en verdiende haar sporen in de literatuur en de diplomatie. Ze schreef een bestseller over haar moeder, en lobbyde om de Verenigde Staten te betrekken in de Tweede Wereldoorlog. Ze was bevriend met Franklin en Eleanor Roosevelt, met Gandhi en Churchill. Later bekleedde ze hoge posities in de NAVO.
In dit boek brengt Claudine Monteil deze drie briljante, vrijgevochten en sterke vrouwen op een indringende manier tot leven.

****

Claudine Monteil (Parijs, 1949) is auteur, historica en voormalig Franse diplomate. Ze werd geboren in een academische en wetenschappelijke familie waardoor ze goed bekend was met de familie Curie. Monteil is heel erg geïnteresseerd in vrouwenrechten en zo raakte ze bevriend met Simone en Hélène de Beauvoir. Ze schreef verschillende boeken over de zussen de Beauvoir en later schreef ze ook een boek over Ève Curie (2016) en nog enkele jaren later Marie Curie en haar dochters (2021). Ze werkte voor UNICEF en UNESCO.
Met dit verleden weet je dat ze met kennis van zaken dit boek heeft geschreven, de wetenschappelijke stukken maar meer nog de politieke delen maken indruk. Haar focus op vrouwenrechten komen doorheen heel het boek naar voor maar dit maakte ook deel uit van het leven van de vrouwen Curie en dan is dit niet verwonderlijk. Simone de Beauvoir wordt ook af en toe vernoemd.
Het boek is zoals een biografie betaamt volledig chronologisch opgebouwd met regelmatig verwijzingen naar de toekomst. Het is speciaal dat het een biografie is over drie vrouwen en ze worden alle drie goed uit de doeken gedaan. Monteil heeft dit op een organische natuurlijke manier opgebouwd. En wat ook belangrijk is in dit werk is dat de historische context er een enorm grote rol in speelt. Op die manier krijg je een volledig geschiedkundig beeld van meer dan een eeuw, een wereldbeeld zelfs want er komen toch verschillende continenten aan bod.
Er valt in dit boek enorm veel bij te leren, over de familie Curie maar ook over de wereldgeschiedenis dus. Marie Curie kende ik uiteraard maar ik moet zeggen dat ik totaal niet bekend was met de twee dochters, Irène en Ève. Maar wat een vrouwen! Mijn ogen zijn alleszins duchtig opengegaan met het lezen van de indrukwekkende levens van deze drie uitzonderlijke vrouwen die zoveel betekend hebben voor de mensheid en meer specifiek voor vrouwen.
Marie Curie en haar dochters is een zeer vlot geschreven boek waarin de drie vrouwen tot leven komen. Als ik al iets kan zeggen, is dat de auteur het geschreven heeft alsof ze in het hoofd van hen zat en weet wat ze denken en voelen, dit had nu wel niet gehoeven. Maar buiten dit is zeker te zeggen dat Claudine Monteil een goed en indringend portret van de familie Curie gemaakt heeft rekening houdend met de historische context. Nu kon het ook moeilijk anders omdat de vrouwen volledig in het leven van die tijd stonden en er uitbundig aan deelnamen. Niettemin was het een enorme verrijking in de biografie, het kan niet anders of je steekt er iets van op, of veel zelfs. Marie Curie en haar dochters is absoluut een aanrader!

Uitgeverij: Querido (2022) - 285 blz. (286-302 Dankwoord, Noten en Beknopte bibliografie)
Oorspronkelijke titel: Marie Curie et ses filles
Vertaling: Mieke Maassen en Jacqueline Wermers

dinsdag 31 maart 2026

De knikkers van Qadir - Qadir Nadery & Leo Bormans

Het waargebeurde verhaal van een vader op de vlucht
De jonge Qadir groeit op in een klein dorp in Afghanistan met de droomverhalen van zijn moeder en de wilskracht van een vader die van geen wijken wil weten. Zijn enige bezit: acht knikkers. Alles ademt oorlog. Overal sterven dierbare mensen. Qadir houdt zich overeind door te werken voor de internationale troepen die zijn land komen bevrijden. Tot ook hij, achtervolgd door de taliban, met vrouw en kinderen moet vluchten voor het geweld. Over de bergen en over de zee. Na drie maanden belanden ze in Europa. Maar de Grote Portier laat hen niet binnen. Stuk voor stuk verliest Qadir de rinkelende knikkers van zijn leven. En toch is er hoop.

****

Qadir Nadery en Leo Bormans schreven samen dit boek over het verhaal van Qadir en dat moet best een heftige ervaring geweest zijn, het boek is heel empathisch en ontroert, maar maakt ook kwaad. Het verhaal staat voor wat al de vluchtelingen meemaken en dat is werkelijk schokkend, op zijn zachtst gezegd dan nog.
Leo Bormans (Lommel, 1954) heeft een master in Talen & Wijsbegeerte en reist de wereld rond als 'Ambassador of Happiness & Quality of Life'. Hij is geluksonderzoeker en geeft in binnen- en buitenland inspirerende lezingen over optimisme en geluk. Maar hij heeft ook al vele boeken geschreven die over geluk, hoop en liefde gaan. 'Geluk. The World Book of Happiness' verscheen in 2011 en werd door de vele vertalingen een internationale bestseller en er volgden nog vele boeken. De knikkers van Qadir is zijn eerste roman en schreef hij met Qadir Nadery (1981), een vader die op de vlucht is voor de oorlog in Afghanistan en in het vluchtelingenkamp in zijn dorp terechtkwam. Door deze bijzondere vriendschap ontstond dit boek. Het boek was genomineerd voor de Ultima Publieksprijs 2022 maar greep net naast deze cultuurprijs van de Vlaamse gemeenschap. Van het boek werd ook een theatervoorstelling gemaakt en er hoort zelfs een educatief pakket bij.
Qadir Nadery was begin dit jaar te gast in de plaatselijke bibliotheek voor een lezing waar hij zijn verhaal persoonlijk uit de doeken deed, hij had zijn knikkers bij. De lezing maakte een enorme indruk en dus belandde dit boek uiteraard op mijn leeslijst. En dat was absoluut een succes, het is een heel erg aangrijpend verhaal dat je niet onberoerd kan laten. Het verhaal wordt volledig chronologisch verteld met netjes de tijdsaanduiding bovenaan de hoofdstukken wat het lezen heel erg gemakkelijk maakte.
De knikkers van Qadir is een boek dat ik warm kan aanbevelen. Het leest erg vlot en het blijft de hele tijd boeiend. En je hebt meteen een recapitulatie van de historische gebeurtenissen want zonder deze historische context zou dit boek niet kunnen, de auteurs hebben dit schitterend ingewerkt in het verhaal. Het laatste deel omvatte het traject van de asielaanvraag en het is uitermate verbijsterend om te lezen hoe het systeem in onze rechtsstaat kan falen. Een aanrader!

Uitgeverij: Lannoo (2023/3e druk 2024) - 326 blz.

woensdag 25 maart 2026

Wat ons nog rest - Aline Sax

Berlijn, april 1945. Alle hoop lijkt verloren. De Russen staan op het punt om de Duitse hoofdstad binnen te vallen. In de ruïnes van de stad probeert een zeventienjarig meisje te overleven, samen met haar moeder, haar jongere broer en de buren die zich met hen in de kelder verschanst hebben. De gevechten komen elke dag dichterbij. Tot het front over hun wijk rolt en de Russen heer en meester worden.

*****

Aline Sax (Antwerpen, 1984) studeerde geschiedenis aan de Universiteit Antwerpen en in 2012 voltooide ze haar doctoraat over de Tweede Wereldoorlog. Ze is coördinator van het historisch projectbureau Geheugen Collectief en doceert Publieksgeschiedenis aan de Universiteit Antwerpen. In 2001 debuteerde ze op haar vijftiende met Mist over het strand. Ondertussen heeft ze al vele voornamelijk jeugdboeken geschreven waar ze ook verschillende prijzen voor oogstte. Wat ons nog rest won verschillende prijzen waaronder de vakjuryprijs de Boon 2025 voor kinder- en jeugdliteratuur. De Tweede Wereldoorlog is een weerkerend thema in haar boeken.
De opzet van dit boek of deze novelle is speciaal, het lijkt in versvorm geschreven te zijn maar leest als een roman. Daardoor zit er een zekere cadans in het boek en komt wat geschreven wordt tot leven en kruip je bijna letterlijk in de huid van de jonge vrouw. Haar naam is Henrike maar deze wordt slechts één keer vermeld. Een goede keuze want daardoor wordt het verhaal universeler, het gaat immers over álle vrouwen en de kracht en de moed die ze betonen. Daarbovenop komt dat het verhaal geschreven is vanuit het perspectief van de verliezende partij. De auteur schuwt de beschrijvingen van alle wreedheden ook niet, de Russen overrompelen de stad en gaan zich volledig te buiten aan plunderingen en verkrachtingen.
Het is een heel erg dun boek dat je op korte tijd uitleest en toch slaagt Aline Sax erin om een volledig verhaal te vertellen dat je naar de strot grijpt. De weinige tekst laat je voelen wat dat zeventienjarige meisje voelt maar breder ook hoe het voor de overgebleven Duitse bevolking moet zijn geweest, uiteindelijk zijn ook zij slachtoffer van deze verwoestende oorlog. Het is nooit zwart-wit en dat heeft Sax op indringende wijze duidelijk gemaakt.
Wat ons nog rest is een verrassend boek gebleken dat nazindert. Aline Sax heeft door haar dichterlijk aandoende stijl een bijna intiem portret geschetst van het leven van een jonge vrouw vlak na het beëindigen van de oorlog in Berlijn waar ze probeert te overleven. Het was trouwens zeer mooi om te lezen dat ook in die uitzonderlijk barre tijden er toch ook nog een meevoelen en mededogen was tussen al de mensen die daar waren overgebleven en dat stemt absoluut hoopvol. Prachtig boek!

Uitgeverij: Infodok / Standaard Uitgeverij (2023) - 239 blz.

dinsdag 24 maart 2026

Voor onze zonden - Line Holm & Stine Bolther

Op een koude ochtend in januari wordt de controversiële secretaris-generaal van het Rode Kruis gekruisigd aangetroffen voor het kantoor van de organisatie in het centrum van Kopenhagen. Voor rechercheurs Mikael dirk en Frederik Dahlin is dit het begin van een ingewikkeld onderzoek, waarbij ze constant onder druk staan van de media, politiek en hogere regionen van de politie.
Elders in Kopenhagen is historica Maria Just bezig met de voorbereiding van een nieuwe tentoonstelling in het Politiemuseum wanneer ze een mogelijk verband ontdekt tussen de moord op de secretaris-generaal en een onopgeloste dubbele moord uit 1968.
Langzaam maar zeker ontdekt het trio dat de zaak duidelijke banden heeft met enkele van de machtigste mensen van het land, en met een zeer beschamend, duister hoofdstuk in de Deense geschiedenis.

***

Line Holm (Hadsten, 1975) is onderzoeksjournalist met twee journalistieke boeken op haar naam en een nominatie voor de Cavlingprisen, de meest prestigieuze Deense prijs voor journalistiek. Stine Bolther (Kalundborg, 1976) is journalist, schrijver en televisiepresentator, ze heeft al verschillende boeken geschreven waaronder enkele true-crimebestsellers. En samen vormen ze een schrijversduo sinds het verschijnen van Voor onze zonden in een serie met drie protagonisten en waar ondertussen een tweede boek in verschenen is, Wetteloos. Vorig jaar bracht dit duo samen met Jussi Adler-Olsen een 11e boek uit in de Serie Q wat een groot succes was, toch voor mij en zo kwam dit boek in mijn vizier.
Voor onze zonden is absoluut een goed boek ook al ben ik niet verder geraakt dan drie sterren en dit in tegenstelling tot het boek Dode zielen zingen niet met Jussi Adler-Olsen. Daar zijn een aantal redenen voor. Eerst en vooral omdat het verhaal heel erg traag verloopt en dat vertaalde zich in mijn leestempo. Het duurde ook lang vooraleer er wat spanning te bespeuren was maar het moet ook gezegd dat eenmaal als het begon er geen stoppen meer aan was. De auteurs hebben dus rustig hun tijd genomen om uitvoerig de scènes te beschrijven en hun personages voor te stellen en verder uit te diepen en dat had gerust wat minder gekund, het was alleszins nefast voor de spanningsboog als je er in dit geval al van kan spreken. Ook de humor die ze wél hadden in het boek met Adler-Olsen miste hier, op een enkel momentje na.
Maar verder kan je echt wel zeggen dat ze een schitterende plot hebben bedacht. De manier waarop een cold case in het verhaal wordt betrokken is toch wel origineel gevonden, van een politiemuseum had ik nog nooit gehoord. In het dankwoord zeggen de auteurs dat ze zich gebaseerd hebben op historische gebeurtenissen en na het lezen van dit boek is dit hallucinant te noemen, onvoorstelbaar dat in een democratische maatschappij zulke dingen kunnen plaatsvinden. Ik ga niets prijsgeven omdat dit aan de lezers om te ontdekken is waarover dit gaat.
Stapsgewijs laten de auteurs de lezer ontdekken waar de plot om draait en weet je wel meer naar het einde toe waar het ongeveer om draait en wie de verantwoordelijke is. En toch begint het dan wel wat spannend te worden en kom je meer en meer in het verhaal.
Voor onze zonden is een veelbelovend debuut van een nieuw schrijversduo. De plot die op waargebeurde feiten berust hebben ze zeer goed opgebouwd ook al ging het wat trager dan je van een spannend boek zou mogen verwachten. Het boek doet je alleszins uitkijken naar meer van hun hand.

Uitgeverij: Volt (2021) - 476 blz.
Oorspronkelijke titel: For barnets bedste
Vertaling: Janke Klok en Nannie de Graaff

dinsdag 17 maart 2026

Waar zijn de wolken - Suzanne Grotenhuis

Een pleidooi voor minder zelfzorg
Waar zijn de wolken van theatermaker Suzanne Grotenhuis is een allesbehalve typisch debuut. Geschreven op een smartphone en zonder leestekens voelt de tekst als een vertelling. Grotenhuis neemt ons mee naar de eerste maanden na de geboorte van haar zoon, waarin ze elke dag door een park wandelt, omdat hij anders niet kan slapen. Kilometers lang wandelt en schrijft ze, terwijl de wereld om haar heen gewoon verder draait. Grotenhuis beschrijft deze maanden als de eenzaamste die ze al heeft meegemaakt. Maar volgens de pediater, psycholoog, vrienden en familie valt het allemaal reuze mee. Je moet gewoon even doorzetten, goed voor jezelf zorgen en loslaten. Fuck loslaten. Fuck voor jezelf zorgen. Het is namelijk hoog tijd dat iemand anders dat doet. Zorgen.
Al wandelend ontmoet Grotenhuis de buurtbewoners in het park, waaronder de bijna honderdjarige Meneer Bergmans met evenveel cactussen. Hij en andere passanten in het verhaal bewijzen dat verbinding met anderen het kostbaarst is.
Dit boek leest razend vlot, alsof je met de auteur meewandelt. Het is eerlijk, kritisch en hilarisch. Een pleidooi om minder aan zelfzorg te doen, en meer om ons heen te kijken.

*****

Suzanne Grotenhuis (Amsterdam, 1985) studeerde af aan de opleiding Dora van der Groen en is actief in de theaterwereld. In 2017 richtte ze samen met enkele anderen theaterhuis De Nwe Tijd op en ze is verbonden aan het Lemmens Instituut en Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen als gastdocente. In 2023 bracht ze haar boekdebuut Waar zijn de wolken uit dat werd genomineerd voor De Bronzen Uil 2024. Ondertussen schreef ze nog een boek en werkte mee aan een derde.
Bij het openslaan van dit dunne boek wordt je al meteen verrast door de vormgeving, in eerste instantie doet deze poëtisch aan maar dat is maar schijn. Ze verteld haar verhaal in verschillende korte hoofdstukken in doorlopende tekst maar in een soort van dichtvorm, zonder leestekens of hoofdletters maar wel met vraagtekens, die zitten immers op een toets op haar telefoonscherm. Ze schreef dit boek namelijk al wandelend met haar zoontje op haar telefoon, maar dit legt ze uit in de proloog van het boek.
Tijdens haar wandelingen ontmoet ze mensen en staat ze vaak verwonderd stil, dit is een schitterende insteek om haar verhaal te vertellen. Ze kan zelf niet anders dan vertragen en dan gaat het niet alleen over de fysieke kant maar zeker ook over een mentale vertraging, door de manier waarop ze dit geschreven heeft, vertraag je als lezer zelfs mee. Grotenhuis weet zo op een fijne manier en zonder belerend te zijn boodschappen mee te geven aan de lezer en die komen binnen. En dit doet ze dan ook nog op een zeer relativerende en ludieke manier, haar humor is om van te smullen, prachtig!
Waar zijn de wolken, een pleidooi voor minder zelfzorg is absoluut een origineel en geweldig goed boek geworden. Het mag dan wel over het moederschap gaan in de eerste maanden van de geboorte van haar zoontje, het boek gaat over veel meer dan dat en het leest als een trein. En de inzichten die ze op haar humorvolle manier deelt, zijn meer dan goed, ze zijn geweldig goed. Het is zeker ook een kijk op onze overgetherapeutiseerde wereld, absoluut iets om over na te denken. Waar zijn de wolken van Suzanne Grotenhuis is een boek over vertragen en verbinden en een dikke aanrader!

Uitgeverij: Borgerhoff & Lamberigts (2023) - 157 blz.

zondag 15 maart 2026

Grondwerk - Tijl Nuyts

Grondwerk onthult een verborgen wereld onder het Vaderlandsplein in Brussel. Verscholen in een gangenstelsel wacht een naakte molrat, op missie vanuit de Hoorn van Afrika, op een briefing. Een mens die zich bij haar hol meldt, wint haar vertrouwen en tekent haar verhaal woord voor woord op. Ondertussen groeien overal in de stad zinkgaten. Er broeit iets in het bestuurlijke hart van Europa. Is er een opstand ophanden?
Grondwerk is een verhaal over verzet en herstel, over collectieve actie, gedeelde grond en pogingen om de wereld bewoonbaar te maken. Een roman vol complottheorieën en toekomstbeelden, die laat zien dat we niet zonder elkaar kunnen.

***

Tijl Nuyts (1993) studeerde Engelse en Spaanse taal- en letterkunde en westerse literatuur en werkt bij Spaanstalige literatuur aan de KU Leuven. Hij schreef 2 poëziebundels en debuteerde vorig jaar met zijn eerste roman Grondwerk. Het boek staat op de shortlist van de Boon Literatuurprijs 2026 en van de Boekenbon Literatuurprijs. Hij publiceert verder in verschillende literaire tijdschriften en geeft lezingen.
Het hoofdpersonage in deze roman is een naakte molrat en dit is een gewaagde en originele keuze en het klopt zeker met het thema van dit boek. Na een zoektocht op Wikipedia weet je dat de naakte molrat een vorm van samenleven heeft die je ergens aan de mensenmaatschappij kan doen denken en daarmee is het wel een zeer goede keuze geweest van de schrijver. Het boek is opgebouwd in twee verhaallijnen waarbij het leven in de molratkolonie tot aan het vertrek van het hoofdpersonage naar België uit de doeken wordt gedaan en de tweede is dan het verhaal van het enkele diertje dat op missie gestuurd wordt en onder een plein in Brussel belandt en zijn werkzaamheden daar en zijn kennismaking met de mensenwereld.
In het eerste verhaal leer je de soort kennen en zat er een zekere spanningsboog in het verhaal. In de tweede verhaallijn ontbrak dit echter, er was nergens een lijn te bespeuren die ergens naartoe ging. Het boek ging hierdoor toch wel wat de mist in.
Het onderwerp is de klimaatverandering en uiteindelijk merk je dat het verhaal over klimaatactie gaat. Groepen mensen ondernemen pogingen om de wereld beter te maken tegen de onmachtige overheden die met hun beleid totaal geen stappen zetten hiervoor. Maar ook in de molratwereld is er heel wat plaats ingeruimd voor het thema. Op die manier lopen de twee verhalen naast elkaar en zijn er vergelijkingen te treffen tussen beide werelden. Zo probeert Tijl Nuyts een maatschappijkritisch beeld te schetsen en daar is hij wel in geslaagd.
Grondwerk is een origineel boek zowel wat betreft personages maar ook zeker wat betreft de opbouw. Het was echter wel spijtig dat het verhaal geen richting had en nergens naartoe ging, het eindigde zonder einde in feite waardoor je een beetje verweesd achterbleef bij het dichtklappen. Niettemin is het een interessant boek dat zeker het lezen waard is.

Uitgeverij: Atlas Contact (2025) - 287 blz.

zaterdag 14 maart 2026

De geschiedenis van onze grond - Jasper Verhaegen

Lag Vlaanderen ooit aan de Zuidpool?
Waar komen onze wielerheuvels en kasseien vandaan?
Woonden er ooit mensen tussen onze kust en Engeland?
Waren er walvissen in Antwerpen?
En hoe rijm je de klimaatopwarming met de komende ijstijd?
We maken een tijdreis van miljoenen jaren tot vandaag, een geschiedenis van onze grond die al begon lang voor er mensen woonden. Van bevroren poolgebied over vulkanen en tropische wouden tot azuurblauwe zeeën, dat verre geologische verleden heeft ook vandaag nog grote impact op onze samenleving.

Jasper Verhaegen (1992) behaalde in 2019 zijn doctoraat aan de KU Leuven met onderzoek naar de geologie van Vlaanderen en zuidelijk Nederland en ging daarna aan de slag bij het Team Ondergrond en Diepe Ondergrond van het Vlaamse Planbureau voor Omgeving van de Vlaamse overheid waar hij onderzoek doet met het oog op relevantie voor het beleid. Hij schreef al sinds 2014 tal van wetenschappelijke publicaties over de geologie van België en met dit boek wil hij een groter publiek bereiken. Hij werkt ook mee aan educatieve projecten, geeft gastlessen in het onderwijs en lezingen voor het brede publiek.
Dat Verhaegen vol gaat voor een breder publiek blijkt alleen al uit de ondertitel van dit boek waarin hij enkele interessante stellingen bevraagt waarover je het vanzelf in een café gesprek zou kunnen hebben, of elders in een parochiezaal of zo of als weetje om eens ergens te kunnen uitpakken. Daardoor kan het wel dat je enigszins andere verwachtingen hebt van dit boek en dat was bij mij het geval. Je zou kunnen verwachten dat hij wat thema's uitdiept per hoofdstuk doorheen de geschiedenis. Maar zo heeft hij het niet gezien, het boek is gewoon heel erg chronologisch opgebouwd doorheen echt héél de geologische geschiedenis van België vanaf de oerknal tot nu, dinosaurussen komen ook aan bod, hoe kan het ook anders.
Door deze opbouw is het soms wel een saai verslag geworden dat nogal gedetailleerd uit de hoek komt soms en waar een leek minder boodschap aan heeft. Maar voor iemand met oog voor detail is het uiteraard interessant. Toch geeft het je daardoor sowieso een bredere kijk en onthoud je gemakkelijker de essentie van de hoofdstukken.
De geschiedenis van onze grond was zeer zeker een boeiend verslag van onze grond in België maar alle stukken lazen niet evengoed. Toch was het een verfrissende kijk op de materie waarbij je zeker iets kan opsteken.

Uitgeverij: Borgerhoff & Lamberigts (2024) - 253 blz. (254-283 Verklarende woordenlijst en literatuurlijst)

dinsdag 10 maart 2026

Diggers - Gaea Schoeters

Een kleine Groote Oorlog
Vijfentwintigduizend euro. Om alle restanten van de Eerste Wereldoorlog op een akker in de Westhoek te laten verdwijnen. Natuurlijk weigert archeoloog Arne Overstijns de opdracht. Tot zijn doctoraatsbeurs plots wordt ingetrokken.
Samen met twee jeugdvrienden begint hij te graven. Wanneer de vette klei zijn geheimen prijsgeeft, komen ook de verborgen agenda's boven. Met elke spadesteek schuiven de morele grenzen op. En dan doen ze de vondst van hun leven. Meteen daarna valt de eerste dode.
Een verhaal dat graaft in de geschiedenis van Flanders Fields en flirt met de Groote Oorlog, daarbij de hormonenmaffia, een jaloers lief en nog wat andere onfrisse slapende honden wekt, om dan, met een kleine omweg langs Hitler en Stalin, terug te keren naar de essentie: de mens, zijn drijfveren en de onwaarschijnlijke draagwijdte van één stommiteit.

*****

Gaea Schoeters (Sint-Niklaas, 1976) schreef met Diggers haar eerste thriller en ondertussen zijn er nog enkele romans van haar verschenen. Ze schreef echter ook non-fictie, interviews, kinderboeken en voor theater en opera, ze omschrijft zichzelf als 'auteur, librettist en scenarist'. Vooral haar roman Trofee (2020) viel in de prijzen en met Het geschenk (2025) staat ze nu ook op de shortlist van De Boon Literatuurprijs 2026.
Het heeft even geduurd maar dan is uiteindelijk dit boek toch op mijn leeslijst terecht gekomen en tot zeer grote tevredenheid. Een verhaal als dit kom je echt niet vaak tegen in boekenland, een boek dat over de Eerste Wereldoorlog gaat, of toch gedeeltelijk, de ondertitel liegt er niet om maar het is vooral de manier waarop Schoeters het verhaal verteld dat tot de verbeelding spreekt. De auteur heeft een humoristische manier van schrijven dat was al duidelijk in de twee vorige boeken die ik las maar dit eerste fictieboek van haar is soms hilarisch en dit door het bijwijlen absurde verhaal dat ze hier schreef. Moest de setting anders zijn, kan je denken aan een komedie van een plaatselijke amateuristische theatergezelschap, ze haalt het trouwens ergens eenmaal zelf aan dat er in een bepaalde scène een deurenkomedie zat en dat kan je inderdaad letterlijk nemen.
En toch komt Schoeters er helemaal mee weg met dit boek en is het volop plezier tijdens het lezen wat trouwens loopt als een tierelier. Maar het boek is toch ook meer dan dat, ze haalt vele thema's aan die je aan het denken zetten en dit ook al door de goede uitdieping van de personages, de ene al wat kleurrijker als de andere maar het moet gezegd dat ze allemaal uit het leven gegrepen zijn. 'Het leven zoals het is' als het ware. Maar misschien wel typisch Vlaams, voor de Nederlandse lezers kan ik niet meespreken en heb ik er geen zicht op.
Diggers, een woord dat ik nog nooit gehoord had maar het zijn amateurarcheologen die allerlei proberen op te duikelen uit de grond en uiteraard is de Westhoek hierbij een gedroomde locatie ook al is dit niet altijd zonder gevaar, er kan immers nogal eens iets ontploffen dat blijven liggen is van meer dan 100 jaar geleden. Het hoofdpersonage is dan wel een echte archeoloog maar door omstandigheden heeft hij zich dan toch laten verleiden om een bepaald terrein te 'clearen'. Wat ze zoal vinden en hun gedachten over de soldaten die daar vochten, daar kan je absoluut iets van opsteken, voor een leek zoals ik was dit toch wel leerrijk.
Diggers was een verrassend en spannend boek en ik ben er nu zeker van dat ik fan ben van Gaea Schoeters, haar boeken wel te verstaan. Ze heeft een heel vlotte manier van schrijven met enorm veel humor en ze kan fantastische verhalen verzinnen. Maar het boek heeft, zoals haar latere boeken ook iets te vertellen en dit heeft ze op onnavolgbare wijze gedaan. Laat ons hopen dat ze haar lezers nog gaat verblijden met haar schrijfsels.

Uitgeverij: Manteau (2011) - 605 blz.

maandag 2 maart 2026

Als alles gedoofd is - Marie Vareille

Als haar broer smoorverliefd wordt, maakt ze zich zorgen: alleen zij weet wie hij écht is...
Abigaëlle woont in een klooster in Bourgondië. Haar vorige leven is ze grotendeels vergeten. Ze kan zich zelfs de gebeurtenissen die haar lot voorgoed veranderde niet meer herinneren. Van een afstandje observeert ze het Parijse leven van Gabriel, haar oudere broer, die een briljante carrière als kunstenaar heeft opgebouwd op de ruïnes van hun jeugd. Maar als Gabriël vervolgens Zoé ontmoet en smoorverliefd wordt, maakt Abigaëlle zich zorgen. Alleen zij weet wie haar broer werkelijk is...
Ondertussen vindt er in de spreekkamer van dokter Garnier, psychiater, een aantal beklemmende gesprekken plaats. Er is iemand in gevaar, en de tijd begint te dringen.

****

Marie Vareille (Montbard, Bourgondië, 1985) werkte in de marketing na haar studies aan de ESCP Business School in Parijs en aan de Cornell University in New York tot ze zich volledig aan het schrijven wijdde. In 2014 verscheen haar debuut en sindsdien schreef ze enkele boeken voor de jeugd en verschillende romans die haar prijzen opleverden. In Nederlandse vertaling zijn er echter maar twee boeken van haar verschenen, De onttoverden (Désenchantées, 2022) en Als alles gedoofd is (2025). Tegenwoordig woont ze met haar man en kinderen in Den Haag.
Bij dit boek krijg je van bij de start al de waarschuwing mee dat het gaat over huiselijk geweld en daarmee weet je gelijk waarrond het verhaal zal draaien. Misschien weet de lezer dit toch liever niet op voorhand, de leeservaring had anders kunnen zijn en dat lijkt me een gemiste kans. Niettemin heeft Marie Vareille het verhaal heel minutieus opgebouwd en komt het thema pas gaandeweg expliciet aan bod en stijgt de spanning tot ze knalt aan het einde van het boek. Ook dan pas kom je te weten hoe het verhaal in elkaar zit en wat de verschillende verhaallijnen te betekenen hebben. Het is absoluut een schitterende opbouw van de plot, zeer knap gedaan.
Het boek leest als een trein en is vlot geschreven. De auteur neemt je helemaal mee doorheen het verhaal maar ze laat heel veel ruimte aan de lezer om te proberen te ontdekken hoe het toch maar in elkaar zou kunnen zitten. En het moet gezegd dat ze verschillende verrassende wendingen aan het verhaal heeft gegeven waardoor je het uiteindelijk dichtslaat met een wauw-gevoel en toch ook een grote tevredenheid ondanks het onderwerp.
Als alles gedoofd is is een verrassende roman gebleken met een heel erg sterke plotopbouw en een goede uitdieping van de problematiek, een thema dat zeer aangrijpend is temeer omdat er meestal kinderen bij betrokken zijn. Marie Vareille heeft een toproman afgeleverd met dit boek en dat doet uitkijken naar haar andere boeken.

Uitgeverij: Xander Uitgevers (2025) - 247 blz.
Oorspronkelijke titel: La dernière allumette
Vertaling: Rosalyn van Moorselaar

donderdag 26 februari 2026

Het rampzalige bezoek aan de dierentuin - Joël Dicker

In het kleine stadje waar ik ben opgegroeid zijn de geesten getekend door iets wat zich jaren geleden, op een vrijdag in december, een paar dagen voor kerst, in de plaatselijke dierentuin heeft afgespeeld. Al die jaren heeft niemand geweten wat er toen echt is gebeurd. Tot aan dit boek.
Een schoolbezoek aan een dierentuin loopt uit op een ramp, maar wat is er nu echt gebeurd? Waarom worden alle gebeurtenissen met absolute geheimhouding omgeven? De ouders van Joséphine, het meisje dat veel lijkt te weten, geven niet op voordat ze de waarheid hebben ontdekt. Gaandeweg beseffen ze dat een ramp nooit alleen komt, dat schijn bedriegt en dat elk verhaal een onvoorspelbare wending kan nemen. Enkele jaren later besluit Joséphine, inmiddels volwassen, alles in een boek te onthullen.

*****

Joël Dicker (Genève, 1985) heeft met dit boek een volledig ander boek geschreven dan we van hem gewoon zijn, in een nawoord schrijft hij dit hierover:
Met het schrijven van Het rampzalige bezoek aan de dierentuin, dat u zojuist heeft gelezen, heb ik in alle bescheidenheid en nederigheid geprobeerd een boek te schrijven dat alle lezers, wie dan ook, waar dan ook, of ze nu zeven of honderdtwintig jaar oud zijn, met elkaar kunnen delen. Met kinderen, partners, ouders, buren, collega's.
Een boek dat hopelijk zin geeft in lezen en laten lezen, zonder onderscheid te maken. Dat ons in staat stelt elkaar te ontmoeten. En dan echt. (Joël Dicker)
En waarachtig, het is inderdaad een boek geworden dat voor iedereen kan, jong en oud. Het is heel eenvoudig van opzet met korte hoofdstukken die elk staan voor een trap in het verhaal. En zo bouwt het boek richting het rampzalige bezoek aan de dierentuin en het was écht rampzalig, dat kan je wel stellen. Doordat het door de ogen van een kind verteld wordt, heeft het boek ook iets aandoenlijks, maar het was evengoed spannend.
En toch is dit boek ook méér dan een verhaal, er zijn heel wat thema's in verwerkt waardoor je ook als volwassene voor wat nadenkwerk kan staan, indien je zou willen natuurlijk want het is nu niet dat dit per se moet. Het is echter wel interessant, er wordt nagedacht over democratie en de relatie tussen ouders, leerkrachten en kinderen. Ook inclusie is een thema en dit omdat de kinderen die hier de hoofdrolspelen naar een 'bijzondere' school gaan, een school waarop de kinderen zitten die niet op andere scholen terechtkunnen.
De manier waarop de auteur het verhaal geschreven heeft, is heel erg humoristisch, je kan zowaar bijna schaterlachen bij het lezen ervan. Geweldig dit, het zorgde meteen voor de volle mep van vijf sterren.
Het rampzalige bezoek aan de dierentuin is een geweldig goed boek en aangezien het een redelijk dun is, hoeft dit je ook al niet tegen te houden om het te lezen. Maar het is vooral de humor en de plotopbouw die het hem doen alsook de inhoudelijke thema's. Het is een luchtig verhaal maar ook eentje waarbij je de thema's kan overdenken als je wil. Een zalig boek!

Uitgeverij: De Bezige Bij (2025) - 221 blz.
Oorspronkelijke titel: La Très Catastrophique Visite du Zoo
Vertaling: Manik Sarkar

maandag 23 februari 2026

Vergelding - Michael Berg

Een heftige gebeurtenis op een meisjesinternaat heeft vijftig jaar later fatale gevolgen.
Sinds zijn terugkeer naar Zuid-Limburg kent Alex geen moment rust. Een inbraak op het kasteel van zijn vader, diefstal van kostbare iconen, en zijn vader dood in een fauteuil. Alles wijst op een hartaanval. Het overlijden van zijn vader raakt hem niet echt, daarvoor was hun verhouding te slecht, maar Alex wil wel weten wat er gebeurd is. Een collega leidt het politieonderzoek, tot Alex' groeiende ergernis. Het lijkt erop dat zijn zusje, Emmie, ooggetuige van de inbraak is geweest. Waarom krijgt ze dan geen beveiliging? En hoeveel risico loop hij zelf zolang de inbrekers niet gepakt zijn?
Het duurt even voor Alex weer genoeg focus heeft om zich op een nieuwe cold case te storten. Een moord uit 1974 op de moeder-overste van een katholiek meisjesinternaat, waarvan de veroordeelde altijd heeft ontkend. Daarvoor lijkt bewijs te zijn gevonden, wat betekent dat de dader nog steeds vrij rondloopt. Bijna vijftig jaar later besluit de moordenaar van de non dat de vergelding pas compleet is als er nóg iemand de dood in wordt gejaagd.

****

Michael Berg (Heerlen, 1956) heeft met Vergelding een tweede boek uitgebracht in De Mergellandmoorden en eind dit jaar is het derde en laatste deel in deze trilogie te verwachten. Het boek gaat dadelijk van start waar het vorige geëindigd is en aan het einde weet je dat het derde er ook onmiddellijk zal bij aansluiten. De auteur woonde meer dan tien jaar in Frankrijk maar is teruggekeerd naar zijn geboortestreek in Zuid-Limburg waar deze trilogie zich afspeelt. Hij kent de streek dus goed en dat merk je. Sinds hij in 2008 debuteerde met een eerste thriller verschenen er nog velen van zijn hand en niet zonder succes, hij heeft enkele prijzen op zijn naam staan.
Er zijn net als in het vorige deel twee verhaallijnen, eentje 'Eerder' en de andere in de huidige tijd. Zoals je kan lezen op de achterflap speelt de eerdere verhaallijn een vijftig jaar eerder en is het decor een meisjesinternaat en dan een wel heel erg strenge versie met aan het hoofd een moeder-overste oftewel 'kreng'. Ik moet zeggen dat dit geen algemeen beleid was op meisjesinternaten, ikzelf zat er op eentje rond die periode en dat was een heel erg fijne en plezante tijd.
De tweede lijn gaat voornamelijk over de diefstal in het kasteel van Alex' vader en zijn overlijden waarbij Emmie getuige lijkt te zijn en Alex de diefstal en de dood van hun vader ontdekt. Hij moet daarop de erfeniskwestie regelen alsook de begrafenis, de diefstal wordt opgevolgd door een collega die hem niet zo genegen is en het moest Alex Nievelsteijn niet zijn als hij zich daar niet wat mee zou bemoeien.
Dit zijn dus de twee verhaallijnen waarop heel het boek draait, het cold case-team is uiteraard ook van de partij maar deze komen pas veel later mee in het verhaal. We komen ze wel tegen maar ze mogen hun eigen ding een beetje doen en wat dossiers afsluiten. Het verhaal van eerder wordt pas laat in het verhaal dé cold case waar ze als team zullen aan werken en de keuze hiervoor valt wel ergens te begrijpen maar als een cold case-serie is dit toch een opmerkelijke keuze. Daardoor leest het boek tot heel erg ver meer als een roman dan als een thriller en dat was buiten de verwachting.
Spannend werd het boek dus lang niet alhoewel het wel heel interessant was en vlot las, de zoektocht naar de dieven was het enige wat lang als het enige onderzoek verteld werd en dan nog, de uiteindelijke ontknoping daar werd zelfs niet echt naartoe gewerkt in het boek, het leek een zijlijntje. Zo waren er tussendoor nog wat zijlijntjes waarbij Alex in de rapte wat dossiers oploste. Maar tegen dat de vroegere verhaallijn het heden naderde, werd het verhaal langzamerhand toch spannend. Aan het einde sluit het verhaal ook met een cliffhanger waardoor je zou wensen dat het derde deel in de trilogie er nú al is, maar dit is toch nog wachten tot het najaar zo blijkt.
Vergelding is een heel erg goed vervolg in De Mergellandmoorden ook al is het van een ander kaliber dan de eerste. Laat ons hopen dat in het derde deel er toch een grotere plaats is weggelegd voor het cold case-team met échte pisten om te onderzoeken, naar misdaden dus. In dit deel heeft het toch wel heel lang geduurd vooraleer er daar sprake van was. Niettemin was het een heel erg goed boek en dan nog eentje waar je binnen de kortste keren doorvliegt en het leesplezier verzekerd is.

Uitgeverij: Ambo|Anthos (2026) - 538 blz.

zondag 22 februari 2026

Magritte: een leven - Alex Danchev met Sarah Whitfield

Het veelzijdige leven van de kunstenaar Magritte
De kledingkeuze van de surrealistische kunstenaar René Magritte (1898-1967) was even elegant als zijn schilderstijl: hij schilderde steevast in pak, inclusief das en bolhoed. In zijn werken, waaronder het iconische La trahison des images ('Ceci n'est pas une pipe') en Golconde, creëerde hij een droomwereld vol mysterie, erotiek en humor. En net als zijn werk bleef de persoon Magritte mysterieus.
In deze biografie volgt auteur Alex Danchev het veelbewogen leven van de Belgische kunstenaar; van de traumatische zelfmoord van zijn moeder tot de verkoop van vervalste kunstwerken tijdens de Duitse bezetting en van zijn turbulente relatie met de Franse surrealisten tot zijn internationale doorbraak in de kunstwereld. Het resultaat is een fascinerend portret van een wereldwijd geliefd kunstenaar wiens invloed nog altijd groot is.

Alex Danchev (Bolton, Lancashire, 1955-2016) was een Britse historicus, biograaf, legerofficier en was onder andere hoogleraar International Relations aan de University of St Andrews. Hij was ook auteur en schreef naast deze biografie nog de bekroonde biografieën van Paul Cézanne en Georges Braque. Danchev overleed onverwachts voor hij de biografie van Magritte kon afmaken en kunsthistoricus en schrijver Sarah Whitfield voltooide dan het boek met het tiende en laatste hoofdstuk. Whitfield was coredacteur van de catalogue raisonné van het oeuvre van Magritte en kwam dus zeker beslagen ten ijs.
Het boek is chronologisch opgebouwd te beginnende bij zijn jeugd en eindigend bij zijn dood, klinkt logisch. En toch wordt er gedurende heel het boek voortdurend vooruit gedacht ook al gaat het over een bepaalde periode. Er passeren daardoor heel veel namen doorheen alle hoofdstukken en is het soms moeilijk om ze op de juiste plaats op de tijdslijn van Magritte's leven te plaatsen. Misschien had een beschreven tijdslijn wel handig geweest, toch voor een leek, een kunstkenner al is het maar een beetje heeft er waarschijnlijk minder problemen mee.
Het boek probeert Magritte echt wel tot leven te brengen (waarin het trouwens geslaagd is) en dan hebben we het niet alleen over zijn kunstwerken. Magritte was ook een denker en schreef heel erg veel, vooral brieven. Tijdens zijn leven werd er al eens een en ander gepubliceerd van hem. Zijn lezing in het KMSKA (Antwerpen) in 1938 onder de titel 'La ligne de vie' waarin hij de oorsprong en ontwikkeling van zijn kunst en de geschiedenis van de surrealistische beweging in België belicht, is zowat het belangrijkste van zijn hand. Zijn relaties met anderen en zijn karakter komen zeer zeker ook aan bod in deze biografie.
Een van de redenen waarom ik deze biografie las was omdat er van 15 november 2025 tot 22 februari 2026 een tentoonstelling over Magritte liep in het KMSKA onder uiteraard ook de titel 'La ligne de vie'. En ik moet zeggen dat het absoluut een meerwaarde had om de biografie gelezen te hebben vooraleer de tentoonstelling te bezoeken.
Wat betreft het lezen zelf was ik niet altijd onder de indruk van het boek. Het verloor zich soms in details maar het voornaamste minpunt van het boek was dat de historische context slechts zeer miniem aan bod kwam. Een persoon leeft in een bepaalde tijd en in dit boek speelt zo goed als alleen de kunstwereld en -tijd een rol en slechts sporadisch de geschiedenis en wat nu net een van de redenen is wat een biografie boeiend maakt voor mij.
Magritte was een interessant boek om de schilder Magritte te leren kennen en meestal las het vlot. Ik ben een tevreden lezer en heb heel wat bijgeleerd. De tentoonstelling in het KMSKA was trouwens top!

Uitgeverij: Spectrum (2021) - 452 blz (453-558 Afkortingen, Noten, Register en Oeuvreregister)
Oorspronkelijke titel: Magritte: a life
Vertaling: Cornelis van Ginneken

dinsdag 17 februari 2026

Omwegen - Thomas Heerma van Voss

Een wandeling
Voor een wandelvakantie in de Ardennen koopt Thomas Heerma van Voss twee dingen: een opschrijfboekje en stevige schoenen. Hij is de enige onervaren loper van het gezelschap. Terwijl Heerma van Voss langs de Semois loopt over kleine wegen en open velden, langs dorpen zonder winkels, weet hij nog niet dat dit dit laatste keer is dat hij in deze familie de rol heeft van schoonzoon, zwager en geliefde.
Hij komt aardig mee, al zondert hij zich soms af om aantekeningen te maken. Levendig roept hij het beeld op van een schrijver die zichzelf moet verhouden tot een hecht gezin, tot de natuur, tot de peddels op het wat er tijdens de kanotocht die hij samen met zijn vriendin onderneemt. Maar de naam van het prachtige landhuis waar zich de apotheose voltrekt van deze familieweek wil hem bij terugkomst maar niet te binnen schieten.
Wat blijft en wat verdwijnt? Heerma van Voss toont zich in Omwegen een scherpzinnig observator van een familiedynamiek die niet de zijne is, en een zorgvuldig chroniqueur van een feilbaar geheugen.

****

Thomas Heerma van Voss (Amsterdam, 1990) is een zoon van oud-omroepbaas Arend Jan Heerma van Voss en sociologe Christien Brinkgreve. Dit is een van de redenen waarom deze auteur in mijn vizier kwam, ik las namelijk onlangs Beladen huis van zijn moeder Christien Brinkgreve. Een andere reden was dat hij vorig jaar genomineerd was voor de Boon 2025 in de categorie fictie/non-fictie met het boek Het archief. Heerma van Voss studeerde Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam en in 2009 verscheen reeds zijn debuutroman. Naast boeken schrijft hij nog voor kranten en andere media.
Omwegen is een heel dun boekje dat verscheen in de reeks Terloops van uitgeverij Van Oorschot, het is een reeks van wandelboekjes waarin schrijvers een eigen wandelervaring beschrijven waarin de wandelbelevenis centraal staat. Eerder las ik hieruit Wantij van Jaap Robben wat een verrassende en mooie ervaring was en deze Omwegen was dat ook. Het zijn toffe boekjes die absoluut aan te raden zijn.
Thomas Heerma van Voss smijt je al dadelijk in zijn wandelverhaal, 'Vlak voor mijn vriendin besloot dat ze niet langer mijn vriendin was, ging ik met haar familie een week wandelen in de Ardennen'. En dat het boeiend was daar kan je zeker van zijn. Het was niet dat je tijdens het lezen zat te lachen en toch was het een luchtig verhaal dat zeer tot de verbeelding spreekt. En het was dan ook nog een wandelboek over een streek waarop mijn oog al eens gevallen was.
Omwegen was dus zeker een boek waardoor je naar zijn andere boeken begint te kijken en niet in het minst omdat hij heel erg goed schrijft met een relativerend vermogen om jaloers op te zijn. Het is dan wel een heel dun boek en toch is de auteur er in geslaagd om er heel veel in te steken, zowel over wandelen en de streek in de Ardennen als over familie en relaties. Omwegen is een heel erg mooi boek geworden, klein maar fijn.

Uitgeverij: Van Oorschot (2023) - 66 blz.

woensdag 11 februari 2026

Op het graf - Fred Vargas

Er gebeuren vreemde dingen in Louviec, een klein dorpje in Bretagne: sommige bewoners horen 's nachts een raar geluid, alsof iemand met een houten been door de straten loopt. Dat zorgt voor paniek in de gemeenschap, want volgens een lokale legende gaat het om 'de Manke', de ronddolende geest van een achttiende-eeuwse graaf. De vorige keer dat deze geest het dorp terroriseerde was veertien jaar geleden, en toen eindigde het met een moord. Daarom zijn velen bang dat er nu weer onheil op komst is.
En ze krijgen gelijk: binnen korte tijd vallen er twee doden. Commissaris Adamsberg raakt bij de zaak betrokken en moet alles op alles zetten om wijs te worden uit de verwarrende en mysterieuze aanwijzingen, en bijgeloof en feiten van elkaar te kunnen onderscheiden.

***

Fred Vargas (Parijs, 1957) is historicus en archeozoöloge maar ook auteur van voornamelijk politieromans, haar bekendste zijn deze met Commissaris Adamsberg in de hoofdrol. Ze won verschillende prijzen met haar boeken die in vele landen worden uitgegeven, ze verschenen echter niet allemaal in Nederlandse vertaling. De cover van dit boek sprak me zeker aan, het heeft een vleugje mysterie net zoals de titel en ook de achterflap triggerde me. En dus belandde het op mijn leeslijst.
Vargas heeft toch een aparte stijl wat betreft de plot en de wendingen, zo lees je ze niet vaak. De manier waarop Adamsberg naar het dorpje in Bretagne gelokt wordt want daar lijkt het toch op, is een verrassende keuze, het is eens iets anders. Maar ook de ontwikkelingen in het verhaal verrasten en een groot deel van het boek valt daar zeker mee te leven. Maar hoe verder je komt hoe minder geloofwaardig het allemaal wel werd. De auteur positioneert Adamsberg als een speciale figuur wat betreft zijn onderzoeksmethoden en daar is niets mis mee maar het liep toch wel de spuigaten uit. Zeker wanneer hij een 'verhaal' vertelt over hoe hij 'denkt' dat het gegaan is, het lijkt helemaal niet op een geloofwaardig politieonderzoek. Nog een puntje was dat de commissaris zo tussen de soep en de patatten door nog enkele andere onderzoeken die ter sprake kwamen bij zijn team in Parijs, afsluit zonder noemenswaardig onderzoek, dit zijn toch wel rare zijlijntjes.
Op zich had het boek wel een heel erg goede plot en het was regelmatig verrassend en origineel te noemen. Vargas schetst haar personages op een goede manier zodat je helemaal mee bent.
Op het graf is een goed boek met een goede plot dat vlot en gemakkelijk leest en soms zelfs grappig is, Fred Vargas heeft absoluut schrijverstalent. Het boek heeft een mooie en intrigerende cover én achterflap maar deze zetten je toch op het verkeerde been aangezien het toch niet zo mysterieus was als het beloofde te worden. Commissaris Adamsberg mag dan wel een super misdaadonderzoeker en oplosser zijn, toch komt hij niet altijd even sympathiek over en begon hij te storen, alleszins toch voor mij, en hetzelfde voor de plot, ook deze begon uiteindelijk storende elementen te vertonen. Dit is echter een persoonlijk gevoel en ik kan me heel goed inbeelden dat andere lezers er anders over denken. Een gewoon goed boek dus, zeker niet meer.

Uitgeverij: De Geus (2025) - 440 blz.
Oorspronkelijke titel: Sur la dalle
Vertaling: Marijke Scholts

zaterdag 7 februari 2026

In een groen knollenland - Bibi Dumon Tak

Een schotschrift tegen de jacht
Bibi Dumon Tak verhuisde vanuit Amsterdam naar stiltegebied 33, voor haar rust. Om vervolgens bijna iedere ochtend wakker te worden van geweerschoten. Jagers knallen haar rust aan flarden. Ze besloot zich te verzetten tegen de mannen die op luidruchtige wijze een einde maken aan het leven van hazen, eenden, ganzen, herten en wilde zwijnen.
In Waterland, in de Ardennen, in de Kroondomeinen van het Koninklijk Huis: overal wordt gejaagd, en daarbij zoeken de jagers de grenzen op van wat wettelijk is toegestaan, en vaak gaan ze eroverheen. Maar om de een of andere schimmige reden komen ze er uiteindelijk toch mee weg. Bibi Dumon tak ontdekte dat in de jacht veel gebeurt wat het daglicht niet verdragen kan. Dat onrecht stelt ze aan de kaak in dit schotschrift over de praktijken van de jagers, die telkens opnieuw door de mazen van het net glippen. Hun taal is daarbij omfloerst. Het woord 'bloed' wordt vermeden en jacht heet vaak 'natuurbeheer'.
Waarom kies je voor zo'n hobby? Waarom kies je ervoor om je ontmoeting met een dier in het wild te laten eindigen met de dood? Dit boek is een woedend pleidooi tegen de mannen die dood en verderf zaaien in onze velden en bossen.

Bibi Dumon Tak (Rotterdam, 1964) is een Nederlandse schrijfster die voornamelijk boeken voor kinderen schrijft en waarvan er heel wat non-fictie zijn, haar debuut verscheen in 2001. Ondertussen heeft ze ook een vijftal boeken voor volwassenen geschreven. Ze ontving heel wat prijzen waaronder de prestigieuze, driejaarlijkse Theo Thijssen-prijs voor kinder- en jeugdliteratuur en dit voor haar hele oeuvre (2018). Ze studeerde Nederlandse taal- en letterkunde aan de Universiteit Utrecht, is vrijwilligster bij de dierenambulance en actief voor de Partij voor de Dieren. Dieren nemen een grote plaats in in haar leven en vele van haar boeken zijn er dan ook aan gewijd.
Bij de colofon van het boek valt dit te lezen: 'Deze uitgave is een schotschrift en dient gelezen te worden als een pamflet. Het geeft de persoonlijke mening van de auteur weer waarbij zij soms in felle bewoordingen strijdt tegen jagers en de jacht.'  En dat zal je zeker geweten hebben. Bibi Dumon Tak haalt heel het schotschrift uit naar de jagers en hun verenigingen waarbij ze geen blad voor de mond neemt en vloekt en tiert. Maar dit doet ze niet in het wilde weg, ze heeft het pamflet netjes opgedeeld in drie delen en ze benadert het onderwerp gestructureerd. Ze geeft veel juridische informatie die ze zelf gaandeweg moest opduikelen door ambtenaren aan te spreken, documenten te doorploegen en ze neemt ook vaak de site van de Koninklijke Nederlandse Jagersvereniging (Koneja) onder de loep.
Er valt in dit boek heel wat op te steken over de materie maar het is vooral ook een geweldig boek om te lezen. De auteur geeft verschillende gesprekken weer die ze onder andere heeft met de jagers en deze klinken absurd en hilarisch. Ook over de site van hun die ze regelmatig checkt, heeft ze heel wat te zeggen, over hun nietszeggende teksten en uitspraken en zelfs hun taalgebruik dat alle regels van de Nederlandse taal tart. Haar taalgebruik is anders wel schitterend en ze weet de lezer op haar hand te krijgen door haar humor, er kan immers goed wat gelachen worden tijdens het lezen van dit boek.
Het is nochtans een thema dat helemaal niet lachwekkend is, de manier waarop jagers zich gedragen, uiten en hun 'perverse' hobby beoefenen, is wraakroepend. Wat de auteur hier ook nog aan het licht brengt, is de macht die de vereniging schijnt te hebben waardoor ze de politiek en wetgevende machten naar hun hand kunnen zetten door onwaarschijnlijk lobbywerk bij de gemeente, provincie en de rijksoverheid. In het tweede deel van het boek viseert ze het Kroondomein, het jachtterrein van de koninklijke familie en ook daar gebeuren dingen die je niet voor mogelijk houdt. Je kunt niet anders dan versteld staan van wat er allemaal aan de hand is in de wereld van de jacht en diens oeroude gebruiken.
In een groen knollenland is een geweldig goed boek oftewel pamflet van een schrijfster die ik nog niet kende. Maar ik ben helemaal in de ban van haar manier van schrijven, deze is geweldig goed. Dit boek was binnen de kortste keren uit en ik heb er enorm van genoten. Maar langs de andere kant maakt het boek je ook woedend, een hobby die dood en verderf zaait in deze tijd? Bibi Dumon Tak waarschuwt de jagers dat hun rijk ten einde loopt en en dat ze niet langer in deze wereld thuishoren. Een aanrader dit schotschrift.

Uitgeverij: De Geus (2021) - 184 blz.

dinsdag 3 februari 2026

Aan het einde van de oorlog - Bert Natter

De negenjarige Ernst, jongste zoon van ss-Obersturmführer Karl Zehlendorf, raakt vermist in de buurt van een concentratiekamp. Zijn broer Reinhart beweert Ernst te hebben achtergelaten aan de oever van het verraderlijk diepe meer, waar ze aan het vissen waren. Hij zal toch niet in het water zijn gevallen? Terwijl de geallieerde legers in de verte al te horen zijn en iedereen in het kamp beseft dat het einde van de oorlog nabij is, gaat Karl op zoek naar zijn zoon.

****

Bert Natter (Baarn, 1968) begon na zijn lyceum aan een studie Nederlandse taal- en letterkunde maar dit hield hij na twee jaar voor bekeken en ging aan de slag als redacteur. Later werkte hij nog als uitgever en journalist en hij schreef veel, onder andere columns over kunst en cultuur voor het Utrechts Nieuwsblad. Sinds 1993 staan er verschillende publicaties op zijn naam en in 2008 debuteerde hij dan met de roman Begeerte heeft ons aangeraakt. Ook zijn volgende boeken ontvingen prijzen of nominaties maar zijn grote succes kwam toch met Aan het einde van de oorlog dat verschillende herdrukken kende sinds de uitgave in januari 2025.
Het toch wel lijvige boek begint met een plattegrond van het kamp en een lijst met personages, het zijn er maar liefst 31, ik heb het geteld. Tijdens het lezen wordt het wel duidelijk waar de personages zich plaatsen in het verhaal maar dat neemt niet weg dat het zeer fijn is om dit heel af en toe toch nog eens te kunnen opdiepen uit de lijst. En het plannetje vond ik top, helemaal mijn ding. Bij de personages werd gemeld dat het 20 april 1945 is bij de start van het boek, en hoe verder je dan raakt in het boek werd het duidelijk dat het einde niet ver in de toekomst lag, en wat bleek? Het boek eindigde 24 uur later, of toch ongeveer.
De manier waarop het boek opgebouwd was, dat was echt toch wel wennen. De auteur koos ervoor om het verhaal chronologisch te vertellen tegelijk vanuit het perspectief van de verschillende personages. Dit wil zeggen dat een gebeurtenis of een gesprek in kleine alinea's werd opgedeeld en telkens stond dan bij het begin van de alinea of stukje tekst de naam van waaruit werd gekeken. Daar heb ik toch even over gedaan om dit gewend te raken maar dat is gelukt. Het zorgt er voor dat je een compleet beeld krijgt van dat gegeven wat best wel interessant was, maar langs de andere kant zorgde het voor een breuk in de verhaallijn. Je werd dan uit het verhaal getrokken en als het wat verder weer verder ging, moest je er telkens terug inkomen. Maar zoals gezegd, wendde het. Daarnaast zorgde deze constructie er voor dat het boek 'anders' is dan de vele oorlogsverhalen die reeds geschreven zijn.
De rode draad doorheen het verhaal is de vermissing van Ernst, de jongste zoon van Karl en Christine Zehlendorf, Karl is de op één na hoogste in rang daar in dat kamp. Dit was wel slim gevonden van de auteur. Het verhaal beslaat maar 1 dag in het leven van het concentratiekamp maar door de zoektocht naar de elfjarige jongen komt zowat heel het reilen en zeilen van het kamp in beeld. Temeer omdat het, zoals de titel doet vermoeden of eigenlijk gewoon zegt, het einde van de oorlog en de bevrijding van dit kamp nakende is en je ook dit deel van de oorlog meekrijgt. Het rode leger dat op 20 april al duchtig te horen is, komt steeds dichterbij en een dag later staan ze voor de poorten van het kamp.
In dit boek is er aandacht voor het leven in het kamp van de gevangenen, het is trouwens een vrouwenkamp, maar ook het leven van de kampleiding en zijn personeel wordt uit de doeken gedaan, misschien zelfs nog meer dan dat van de gevangenen. Dit is ook al een van de redenen waarom dit boek anders is en interessant. Je bekijkt deze dag vanuit de ogen van de gevangenen maar dus evenzeer vanuit hun kampleiders, het burgerpersoneel en bewakers. De gruwelen die beschreven worden zijn buitensporig en onwillekeurig, de horror. In het boek zelf wordt er wel wat gebraakt maar ook de lezer krijgt braakneigingen bij het lezen van al deze wreedheden. Maar ook dit is dus vanuit de ogen van de veroorzakers hiervan beschreven.
Aan het einde van de oorlog is een interessant en speciaal geconstrueerd boek over een thema waar ontelbare boeken aan gewijd zijn. En dit moet ook nog vermeld, de schrijfstijl van Bert Natter is heel erg goed, het leest vlot en boeiend maar hij weet er vaak ook een humoristische noot in te steken, dit is onmiddellijk een pluspunt. De absurde plotwendingen die hij in het boek heeft verwerkt, zijn subliem, maar dat is aan de lezer om te ontdekken. Het boek verliest soms vaart door de breuklijnen die het gevolg zijn van de voortdurende gezichtspuntveranderingen en soms gaat het inderdaad ook wat traag, maar eenmaal je gewend bent aan de stijl en constructie kun je niet anders dan door het verhaal vliegen. Bert Natter heeft een meer dan goed boek geschreven, een aanrader!

Uitgeverij: Thomas Rap (2025) - 634 blz.

maandag 2 februari 2026

Leeft een rivier? - Robert Macfarlane

Overal ter wereld sterven rivieren door vervuiling, droogte en indamming. Al sinds mensenheugenis moeten rivieren dienstbaar zijn: als transportmiddel, als energie- en voedselbron, als open riool. Wereldwijd is er echter ook een beweging gaande die het leven en de rechten van rivieren en andere natuurverschijnselen wil erkennen en in de wet wil vastleggen om verdere vernietiging tegen te gaan.
Natuurschrijver Robert Macfarlane is diep overtuigd van deze natuurrechten. In Leeft een rivier? onderzoekt hij de herkomst en de betekenis ervan door zijn lezers mee te nemen op een reis langs drie grote rivieren in Ecuador, India en Canada. Alle drie worden ze bedreigd en om alle drie wordt strijd geleverd. Samen met hun beschermengelen volgt hij hun loop vanaf de bron in nevelwoud of oeroude steenvlakten tot waar ze na roerige omzwervingen uitmonden in zee.
Leeft een rivier? is Macfarlanes meest persoonlijke én politieke boek tot nu toe. Het bruist van de fascinerende ideeën, onvergetelijke personages en verhalen, en van de haarscherpe natuurobservaties die zijn handelsmerk zijn. Ook in dit boek verweeft hij cultuur- en natuurgeschiedenis, reportages, reis- en natuurverslagen met poëtische proza.

Robert Macfarlane (Nottingham, 1976) is vooral bekend als natuurschrijver en zijn werk wordt wereldwijd uitgegeven. Hij won ontelbare prijzen en er werden documentaires gemaakt van enkele van zijn boeken. In 2003 debuteerde hij met Hoogtekoorts, enkele andere boeken zijn Benedenwereld, De oude wegen en De laatste wildernis. Landschap, natuur, plaatsen, mensen en taal staan centraal maar hij vertelt ook verhalen al dan niet persoonlijk.
Drie rivieren en dus drie delen in dit boek en dan nog in verschillende continenten. Vooreerst heeft hij de Rio Los Cedros in Ecuador bezocht en het nevelwoud dat daar te vinden is. Wat de auteur hier beschrijft was werkelijk prachtig, je zag het zó voor je ook al ben je er nog nooit geweest en kende je het zelfs niet wat bij mij het geval was. Een openbaring was het. Macfarlane neemt je echt helemaal mee op de reis die hij daar maakt en zijn beschrijvingen zijn werkelijk subliem. Hij neemt je trouwens niet alleen mee in het gebied maar laat je ook kennismaken met de mensen die hij daar ontmoet en diegenen waarmee hij de reis maakt, ook deze staan je levendig voor ogen. Het cederwoud en de rivier in Ecuador worden echter bedreigd door mijnbouw en het is een voortdurend vechten tegen bedrijven en zelfs overheden. Het was fantastisch om te lezen dat er in dit land en voor dit gebied serieuze overwinningen werden behaald ten voordele van de rivier en het woud errond.
Het tweede deel speelt in India aan de oostkust van het land en redelijk zuidelijk. Hier heeft hij het meer over een gebied van drie rivieren, de Adyar, de Cooum en de Kosasthalaiyar die in Chennai in de Indische Oceaan uitmonden. Het gevecht dat de mensen hier moeten leveren om hun rivieren te beschermen is werkelijk hallucinant en het leven van de bevolking is er in bepaalde gebieden toxisch in de overtreffende trap, de vervuiling is enorm. In dit deel gaat het ook over schildpadden, vogels en zelfs slangen en het was om ter boeiendst om te lezen.
De derde rivier is de Mutchekau Shipu, de Magpie voor de Canadezen, we zitten hier dus in oostelijk Canada en de auteur werd op deze tocht vergezeld van een oude vriend, Wayne Chambliss. In de vorige twee delen bezocht Macfarlane al wandelend de rivieren maar aan deze rivier is dat op grote stukken niet mogelijk. Ze varen dus het traject af met kano's met zo nu en dan wat oversteken, een zware tocht van een honderdzestig kilometer. En zwaar was het absoluut, zelfs mijn hart ging er van te keer bij wijze van spreken bij het lezen van dit verhaal. Ze ondernamen de tocht met twee gidsen en onverwachts ging er ook nog een vijfde man mee die ze vlak voor ze zouden overgevlogen worden naar het startpunt meevroegen en wat hij dus deed. Het gevecht dat voor deze rivier moet geleverd worden, is er eentje tegen de verschillende bedrijven die het gebied willen indammen, een groot deel van dit land zou daardoor onder water komen te staan en de rivier zou verdwijnen.
Drie rivieren dus met elk hun eigen problemen waardoor het leven er in gevaar komt en zeker niet alleen van de rivieren zelf. Ik was onder de indruk van hoe er gevochten werd voor deze rivieren en de natuur errond en de resultaten die behaald werden. Maar het werd ook duidelijk dat het een blijvende strijd is. Er klonk dus absoluut hoop door in het boek ook al klonk het vaak als een strijd van David tegen Goliath. Maar er werden zeer zeker indrukwekkende overwinningen behaald en dat deed zo een deugd om dit te lezen!
Robert Macfarlane heeft met Leeft een rivier? weer een schitterend boek toegevoegd aan zijn oeuvre. Het behelst veel, je krijgt beschrijvingen van de natuur maar evenzeer krijg je ook wat geschiedenis mee en politieke inzichten. En of dit nog niet genoeg is, nog wat persoonlijke en menselijke verhalen. Leeft een rivier? is een geweldig boek dat heel erg vlot leest, soms zelfs spannend is en je steekt er ook nog heel wat van op. En als je er nog niet van overtuigd was, weet je na het lezen van dit boek zéker dat een rivier een bewustzijn en geheugen heeft, en zelfs een ziel. Maar zeker was ik ook overweldigd door al de inspirerende mensen in dit boek en wat ze reeds hebben kunnen bereiken ter bescherming van hún rivieren. Ik kan dit boek niet anders dan aanbevelen!

Uitgeverij: Athenaeum--Polak & Van Gennep (2025) - 337 blz. (339-416 Glossarium, Noten, Selecte bibliografie en bronnen, Dankwoord en wat achteraf gebeurde, Register)
Oorspronkelijke titel: Is a River Alive?
Vertaling: Nico Groen

dinsdag 27 januari 2026

Ochtend in Jenin - Susan Abulhawa

Roman over 'de andere kant' van het Palestijns-Israëlisch conflict: de Palestijnse vluchtelingen die uit hun land verbannen werden na de stichting van de staat Israël in 1948.
De familie Abulheja wordt gedwongen hun dorp Ein Hod te verlaten en naar een vluchtelingenkamp in Jenin te vertrekken. In de chaotische vlucht raakt de jonge Isma'iel vermist. Hij wordt meegenomen door een Israëlische soldaat en groeit op als een joodse jongen met de naam David. Zijn tweelingbroer Joessoef kiest, gedreven door een alomvattende haat jegens de bezetters, de radicale kant van de PLO. Door de ogen van Amaal, hun jonge zusje, zien we hoe drie decennia van geweld en oorlog voorbijgaan.

****

Susan Abulhawa (Koeweit, 1970) is een dochter van Palestijnse vluchtelingen en kende een chaotische jeugd waarin ze na de scheiding van haar ouders kort na haar geboorte, afwisselend verbleef in Koeweit, Jordanië, Palestina en de Verenigde Staten, uiteindelijk belandde ze zelfs in de pleegzorg. Ze studeerde biomedische wetenschappen en werkte als researcher in de farmaceutische industrie. Ze is mensenrechtenactivist, politiek commentator en oprichter van Playgrounds for Palestine, een organisatie die zich inzet voor het recht van Palestijnse kinderen om te spelen. Maar ze is dus ook auteur. In de VS publiceerde ze artikelen over de Palestijnse kwestie, ze schrijft poëzie en heeft tot nog toe drie boeken uitgebracht, Ochtend in Jenin is haar debuut. Het boek werd oorspronkelijk in 2006 gepubliceerd als Het litteken van David maar met de heruitgave onder de titel Mornings in Jenin in 2010 brak het internationaal door.
Het boek is helemaal chronologisch opgebouwd en loopt over verschillende decennia. Daardoor leest het heel erg gemakkelijk. De actualiteit staat nu nog steeds bol van wat er zich allemaal afspeelt in Palestina en Israël en dat blijkt dus al bijna een eeuw aan de gang. Susan Abulhawa kent als geen ander de situatie van de Palestijnen in bezet gebied en dit heeft ze goed uit de doeken gedaan. De ellende die de familie Abulheja meemaakt is werkelijk hallucinant. Door de lange periode die ze beschrijft, is het geen gedetailleerd boek geworden maar meer een overzicht van wat er zich gedurende die tijd heeft afgespeeld. Het mogen dan wel fictieve personages zijn, het verhaal is helemaal op feiten gestoeld. De wreedheden die gewoon uit het niets komen, zijn verschrikkelijk om te lezen, laat staan dat je ze moet ondergaan, en toch is dit ook nu nog dagelijkse realiteit in het gebied.
Ochtend in Jenin is absoluut een boek dat je kan aangrijpen maar je er emotioneel in verliezen, is niet aan de orde, daarvoor beslaat het een teveel aan decennia en generaties. Susan Abulhawa is er echter wel in geslaagd om de lezer zich betrokken te laten voelen bij het leed dat het Palestijnse volk wordt aangedaan, afschuw is zeker een emotie die bij de lezer opkomt. En de wetenschap dat dit ook nu nog aan de gang is, roept een vorm van kwaadheid op.
Er mag dan wel veel ellende te lezen zijn in dit boek, er is toch ook hoop te bespeuren en het boek gaat zeker ook over vriendschap en liefde, al dan niet in familieverband.
Ochtend in Jenin is een boek dat een heel erg goed beeld geeft van het leven in de kampen en het leest vlot. Je zou kunnen zeggen dat het een mooi boek is, maar dat is toch een woord dat je in feite niet kan bezigen gezien het onderwerp, onderdrukking, martelingen, moord en allerlei andere wreedheden zijn moeilijk 'mooi' te noemen. Moest je nog geen beeld gehad hebben van de situatie in de streek, na het lezen van dit boek, kan je er niet meer onderuit, wat er daar gebeurt is pure horror, onbegrijpelijk!

Uitgeverij: De Geus (2012) - 413 blz.
Oorspronkelijke titel: Mornings in Jenin (2010)
Vertaling: Marianne Gaasbeek

donderdag 22 januari 2026

De zaak Alaska Sanders - Joël Dicker

April 1999. Mount Pleasant, een rustig stadje in de Amerikaanse staat New Hampshire, wordt opgeschud door een gruwelijke moord. Het lichaam van een jonge vrouw, Alaska Sanders, wordt gevonden aan de rand van een meer. De politie verkrijgt al snel een bekentenis van de dader en zijn handlanger en sluit het onderzoek.
Elf jaar later ontvangt sergeant Perry Gahalowood een verontrustende, anonieme brief, die de uitkomst van het eerdere onderzoek geheel in twijfel trekt. Wat als er een grove fout is gemaakt?
Met hulp van de bevriende schrijver Marcus Goldman, die inmiddels beroemd is geworden door zijn boek over Harry Quebert, besluit Perry het onderzoek te heropenen, met alle gevolgen van dien.

****

Joël Dicker (Genève, 1985) is een Zwitserse bestsellerauteur die met zijn tweede boek, De waarheid over de zaak Harry Quebert (2012) doorbrak en prijzen in de wacht sleepte. Ondertussen heeft hij 8 boeken op zijn naam staan waarvan er 7 verschenen zijn in Nederlandse vertaling. De zaak Alaska Sanders is zijn derde boek met Marcus Goldman.
De manier waarop de auteur zijn boeken in deze reeks vormgeeft, is best speciaal. Goldman doet onderzoek naar een moord die elf jaar geleden plaatsvond en waarrond hij een boek zoekt te schrijven en het is dat verhaal dat we lezen. Harry Quebert die de hoofdrol speelde in het eerste boek in de serie, krijgt nu een zeer kleine plaats in het boek, het is geen meerwaarde maar zorgt wel voor enige continuïteit. 
Het onderzoek naar de cold case is erg boeiend geschreven en het verhaal heeft een stevige plot die geweldig goed in elkaar zit. Dicker brengt er vaak verrassende plotwendingen in en al helemaal aan het einde bij de ontknoping. Het is een echt puzzelwerk geworden en het onderzoek draait verschillende kanten uit, Goldman en Gahalowood worden regelmatig op het verkeerde been gezet en de lezer dus ook.
De auteur diept de verschillende personages uit en hij vertelt gedetailleerd, nadeel is dat het boek daardoor soms de neiging vertoont om langdradig te worden en er sloop wel wat herhaling in. Er zaten erg veel verwijzingen in naar de twee vorige delen en dit was ook al geen meerwaarde. Toch las het boek enorm vlot en vlieg je er doorheen. Persoonlijk vond ik de ontknoping zoals gezegd heel erg verrassend maar langs de andere kant was het toch ook wat ontgoochelend. Er waren doorheen het boek onvoldoende of zelfs geen aanwijzingen in deze richting en de dader kwam piepen als een duveltje uit een doosje. Of ik heb er over gelezen, dat kan ook natuurlijk.
De zaak Alaska Sanders is een stevig geconstrueerd boek met een sterke plot en vele verrassende plotwendingen. Het had misschien iets dunner mogen zijn, wat minder uitgesponnen, de spanningsboog ontbrak daardoor immers maar niettemin was het een waar genot om in dit boek te kunnen duiken, het leesplezier scoorde hoog. Joël Dicker is een fantastisch verhalenverteller.

Uitgeverij: De Bezige Bij (2022) - 568 blz.
Oorspronkelijke titel: L'Affaire Alaska Sanders
Vertaling: Angela Knotter

woensdag 14 januari 2026

De val - Matthias M.R. Declercq

Vijf jongens, vijf aardige jongens
Min of meer bij toeval ontmoeten ze elkaar in de loop van een paar jaar, aan het begin van deze eeuw, omdat ze alle vijf één doel kennen: de koers. Ze ambiëren allemaal een carrière als profrenner. Op het jaagpad langs de Schelde, van Gent naar Oudenaarde, trainen ze samen. Iljo Keisse, Wouter Weylandt, Dimitri De Fauw, Bert De Backer en Kurt Hovelijnck.
Ze zijn jong, viriel, populair, en schoppen het inderdaad tot profwielrenner. Their finest hour, als ze het eenmaal zijn. Maar het leven blijkt harder dan de droom. Wat hen samenbracht, de koers, rukt hen ook uit elkaar. Ongenadig en definitief. Vijf jongens, vijf aardige jongens.

***

Matthias M.R. Declercq (1985) is afkomstig uit West-Vlaanderen en woont in Gent waar hij ook vaak rijdt op het jaagpad dat de basis vormt voor dit boek. Hij studeerde Politieke en Sociale Wetenschappen waarna hij schreef voor o.a. De Morgen, Humo en het wielertijdschrift Bahamontes. Hij ontdekte een voorliefde voor taal en verhaal en zo kwam zijn debuut uit in 2017 (De val) en een tweede boek (De ontdekking van Urk) in 2020. Beide zijn non-fictie boeken die echter lezen als een verhaal maar ze zijn dus wel degelijk gebaseerd op ware gebeurtenissen. In 2021 kwam er een zesdelige Belgische sportdocumentaire (Het Scheldepeloton) uit dat gebaseerd is op het boek De val.
Het was eens wat anders om te lezen, een volledig boek over wielrennen. Over 5 jonge mannen met veel ambitie en daardoor lees je een stuk sportgeschiedenis over een periode van ongeveer 15 jaar aan het begin van deze eeuw. Maar dat is het zeker niet alleen, het boek gaat meer nog over vriendschap, volwassen worden en het overwinnen van tegenslagen, het leven dus.
De auteur heeft het verhaal met heel veel flair geschreven en zeker in het begin met heel wat humor, later in het boek werd het wel serieuzer. De opbouw was ook geen sinecure, het verhaal flippert nogal heen en weer doorheen de tijd maar het is niet zo dat je de draad kwijt raakt, het lukte aardig goed om de tijdslijn te blijven volgen, of toch ongeveer. Het zorgde er zeker voor dat het daardoor interessanter las.
Inhoudelijk moet je er toch wat voor zijn, als je totaal niet geïnteresseerd bent in het wielrennen is het af en toe iets té wielerachtig en taande de interesse maar voor het overgrote deel las het toch als een ware roman.
De val las vlot en je werd zeker meegenomen in het verhaal van de vijf jongens, in hun dromen en ambitie, vriendschap en overwinningen en dat niet alleen op sportief vlak. Het was tof om als complete leek in het wielrennen een kijkje te kunnen nemen in deze wereld maar dan achter de schermen. Matthias Declercq is er absoluut in geslaagd om de lezer mee te slepen in het verhaal van deze jongens en de feiten in een eerlijk verhaal te gieten. De titel is zeer treffend gekozen en deze oudere cover ook, de nieuwe uitgave oogt totaal anders.

Uitgeverij: Manteau (2016) - 281 blz.